Zit u tegenover een blafhoestende collega, dan loopt u een gerede kans diens ziektekiemen op te vegen. In sommige gevallen blijkt ook kanker overdraagbaar te zijn op anderen.
Influenza, tuberculose, gonorrhoe, ebola en speciaal voor het werkend deel der natie de ARBO-virussen: allemaal voorbeelden van matig gezellige ziekmakers waar u dagelijks weer kans op maakt wanneer u zich in het interpersoonlijk snelverkeer mengt. Voor sommige infectieziekten moet u minstens een Moldavische bloedtransfusie van twijfelachtig allooi tot u nemen, voor de besmettelijkste virussen is het aanraken van een deurklink al een garantie voor grieperig werkverzuim.
Gelukkig zijn er ook niet-besmettelijke ziekten. Een hartinfarct, jichtteen of ingegroeide duimnagel krijgt men doorgaans niet omdat de buurman hem ook heeft. Voor beenbreuken en depressies ligt het iets subtieler. Die problemen kunnen immers wel door anderen veroorzaakt of uitgelokt worden. Toch ziet de medische stand ze als ongemakken zonder besmettingsgevaar. Net als kanker, tot kortgeleden.
Doorgeefongein
Kanker blijkt soms namelijk besmettelijk. Dat betekent dat de kwaadaardige cellen van het ene individu kunnen overspringen naar het andere individu, en daar voor zichzelf een business in narigheid beginnen. Zie het als een soort franchise van een agressieve keten: net zoals meneer McDonald niet zal rusten voordat hij ook in de laatste geisoleerde militaire-junta-dictatuur-landjes obesitasambassades heeft gesticht.
Normaliter kunnen kankercellen in het lichaam van een ander niet overleven. Ieder individu heeft namelijk op al zijn lichaamscellen een unieke moleculaire code. Die 'streepjescode' van zogenaamde MHC-antigenen gebruikt het immuunsysteem om te herkennen welke cellen bij u horen, en welke bijvoorbeeld van gemene bacteriën of twijfelachtige parasieten zijn. Een kankercel van een passant ziet het als lichaamsvreemd, en dus rijp voor de sloop.
Duivelsbeet fataal
Een besmettelijke kanker die 60% van een populatie wegveegt klonk dan ook tot voorkort als goedkope science fiction. Toen overkwam het de Tasmanian Devil. De overigens van zichzelf al vervaarlijk ogende buideldieren sterven namelijk massaal aan kanker die ze aan elkaar doorgeven. De tumoren groeien vooral in de mondregio van de dieren, en cellen hoppen naar de volgende klant als de beesten elkaar bijten, iets dat in het kader van het vaststellen van de hierarchie veel voorkomt.

De succesformule van de Devil Facial Tumor Disease, zoals de ziekte voluit heet, is waarschijnlijk een combinatie van inteelt onder de buidelduivels en slecht herkenbare kankercellen. Omdat de Devils al 400 jaar geleden in Australië uitstierf lijken de exemplaren die nu op het eiland Tasmanië rondlopen genetisch bovengemiddeld veel op elkaar. De 'streepjescodes' op hun lichaamscellen lijken ook meer op elkaar. Daardoor is het voor hun immuunsysteem moeilijk om te zien dat de kankercellen niet bij het eigen lichaam horen. Maar de belangrijkste oorzaak voor de besmettelijkheid is waarschijnlijk dat de kankercellen erin geslaagd zijn om zich heel onopvallend te gedragen. Door vrijwel geen markermoleculen op hun cellen te hebben blijven ze undercover en onopgemerkt door de patrouillerende immuuncellen. Ondertussen groeien de kankers vrolijk door en dreigen de Tasmanian Devils nu uit te sterven.
Kankertransplantatie
Bij mensen komen besmettelijke kankers ook voor. Bij ons is dat echter vaak onze eigen schuld: zo kunnen patiënten die een orgaantransplantatie krijgen bijvoorbeeld kanker krijgen als de donor een nog niet opgemerkte kwaadaardige ziekte bleek te hebben. Bij orgaandonatie speelt hetzelfde probleem met de 'streepjescodes': omdat het gedoneerde orgaan van een ander persoon komt herkent het immuunsysteem van de ontvanger het als lichaamsvreemd, en zou het in principe aanvallen. Daarom krijgen de ontvangers een behandeling om hun immuunsysteem plat te leggen. De immuuncellen herkennen dan dus ook de kankercellen niet, waardoor in zeldzame gevallen een tumor kan ontstaan.
In andere gevallen is besmettelijke kanker gewoon enorme pech. Moeders kunnen ook tijdens de zwangerschap kanker krijgen, en soms kunnen kankercellen dan via het bloed ook het kind in de baarmoeder binnenkomen. Een nog zeldzamer voorbeeld is het geval waarin een chirurg tijdens een tumoroperatie per ongeluk in zijn hand sneed. Hij was goed gezond, maar desondanks reageerde zijn immuunsysteem niet op de vreemde kankercellen en kreeg hij een tumor. Hij ontdekte het op tijd en de kwaadaardige cellen konden worden weggesneden.
Nog even doemdenken
Het ontstaan van een hoog-besmettelijke kanker is een angstaanjagend scenario. Op dit moment lijkt het nog geen reden om uw (al dan niet vrouwelijke) collega's niet de hand te willen schudden, maar de voorbeelden die er zijn bewijzen dat het uiteindelijk geen onmogelijkheid is. Zeker in gebieden waar grote groepen mensen een ernstig gestoord immuunsysteem hebben (zoals Afrikaanse landen met hoge percentages HIV-geïnfecteerden) zou een overdraagbare kanker extra verderf kunnen zaaien. En dan hebben we het nog niet eens over de mogelijkheid dat muggen die dan ook nog zouden verspreiden, zoals gezegd wordt over een kankersoort die in de jaren '60 onder een hamstersoort woekerde. Voorlopig geven collegae u waarschijnlijk niet meer dan jeuk en een incidenteel griepje.