5 mythen over lichaamstaal op kantoor

Eén van uw kwaliteiten als succesbaas is uw feilloze mensenkennis. En daar hoeven die mensen niet eens voor te praten. 90% van communicatie is immers non-verbaal, wordt vaak gezegd. Maar communicatieonderzoek bewijst dat we er veel verkeerde veronderstellingen op nahouden. Vijf kantoormythen ontmanteld.

1. Liegende collega's kunnen u niet recht in de ogen kijken
Mogelijk denkt u dat Janine van de receptie vorige week tegen u heeft gelogen over dat zoekgeraakte rapport; ze ontweek uw blik en haar ogen schoten alle kanten op. Maar er zijn twee redenen waarom u weinig betekenis kunt toekennen aan dat gedrag. In de eerste plaats kunnen ook veel andere emoties blikontwijkend werken, zoals zenuwen en angst. Daarnaast zijn de beste leugenaars, pathologische, juist heel goed in staat trouwe hondenogen op te zetten, aldus Paul Ekman, schrijver van het formidabel getitelde boek Telling Lies: Clues to Deceit in the Marketplace, Politics, and Marriage.

2. Hoe meer oogcontact u met klanten heeft, hoe beter
Omdat u graag gefocust en toegewijd wilt overkomen, ligt het voor de hand om uw klanten te trakteren op intensief oogcontact. Maar pas daar wel een beetje mee op: uit onderzoek blijkt dat mensen hoogstens een paar seconden achter elkaar willen worden aangekeken. Daarna wordt het oncomfortabel en zouden ze kunnen concluderen dat u meer van ze wilt dan een zakendeal.


Prins Charles in zijn element

3. Staan met uw handen achter uw rug is een gebaar van macht
Ook zo'n klassieker die presentatietrainers jarenlang te onrechte hebben gepredikt: de Prins Charles-houding, met uw handen achter uw rug. Voor een beetje extra gewicht in de schaal. Want als een prins het doet, dan zal het wel goed zijn. Tegelijk met het besef dat Prins Charles toch niet zo'n winnaar is (61 en nog geen koning), is ook de methode in onmin geraakt. Onderzoek toont aan dat uw collega's vooral denken dat u iets te verbergen heeft.

4. Over uw kin strijken ziet er intelligent uit
Toegegeven, doordat Rodin zijn 'Penseur' nonchalant met de kin op hand liet steunen, zouden we kunnen concluderen dat hand-to-face contact intelligentie verraadt. Maar er kleeft een groot nadeel aan dit gebaar: het toont in de eerste plaats de pretentie van de communicator. Nonchalant aan uw onzichtbare sik plukken, een tikkende vinger op uw wang; het zijn allemaal 'bedachte' handelingen zonder betekenis. Behalve uw ambitie om intelligent over te komen.

5. Als uw collega's lachen zijn ze blij
In het apenrijk lachen ze vaak uit onderdanigheid, en wij mensen doen het als we blij zijn. Of zenuwachtig. Of bang. Of gewoon omdat we niets beters te doen hebben. Daniel McNeill, schrijver van het boek The Face: A Natural History stelt dat lachen aangeboren is; baby's doen het al vanaf 12 uur (!), als onderdeel van de band die ze met hun ouders opbouwen. We doen het in ieder geval om aardig te worden gevonden. En dat werkt. Zo schijnen lachende criminelen vaak een lagere straf te krijgen van rechters, dan hun collega's die er een chagrijnig smoelwerk op nahouden. Kortom, met lachen kunt u alle kanten op.