Als er een kunstcollectie met een waarde van 25 miljard dollar op het spel staat, dan kan je er vanuit gaan dat er hard wordt gestreden. In deze documentaire wordt het verhaal van de Barnes kunstcollectie uitgelicht. Een strijd om een kunst-erfenis die zijn gelijke niet kent.
De collectie van ruim 2500 kunstwerken was het levenswerk van het excentrieke baasje Albert Barnes. De indrukwekkende verzameling bevat onder andere 186 werken van Renoir, 46 Picasso's en schilderijen van heren zoals Van Gogh en Cézanne. De collectie werd bewaard in een speciaal daarvoor gebouwd atelier buiten Philadelphia en was alleen op aanvraag te bezoeken. Barnes had het namelijk niet zo op de kunstwereld en het grote publiek. Zijn verzameling was bedoeld voor studenten en door hem goedgekeurde bezoekers.
Na zijn dood in 1951 stond er in zijn testament te lezen dat de kunstwerken niet verkocht, uitgeleend of verplaatst mochten worden. De eerste jaren ging dat goed, maar in de loop van de tijd kwam de Barnes Foundation in geldnood te zitten en moest er toch een oplossing komen. De strijd tussen de liefhebbers die vonden dat de eisen in het testament opgevolgd moesten worden en de kunstelite die de collectie liever in een openbaar museum in de buurt zag verschijnen barstte los.
De documentaire The Art Of The Steal draait al wel in Amerika, maar het is nog niet bekend of de film ook de oversteek naar Europa gaat maken.