Willem Aantjes. Fout, maar niet ernstig

Max Moszkowicz weigerde ooit de oorlogsmisdadiger Pieter Menten te verdedigen. Interessant is de vraag of hij als raadsman van Willem Aantjes had willen optreden. Ik weet het niet.
Afgelopen zaterdag trad de oud-fractievoorzitter van het CDA op als key-note speker in De Balie. Tijdens een symbolische rouwdienst ter nagedachtenis van het CDA en de PvdA.

Ik twitterde dat ik er moeite mee heb dat Aantjes, gelet op het SS-lidmaatschap, het CDA de maat neemt als een soort 'elder statesman'. Hierop ontwikkelde zich een interessante Twitterpolemiek met journalist Binnert de Beaufort. Laatstgenoemde neemt een minder dogmatisch standpunt in. Kernvraag: mag men Aantjes zijn SS-lidmaatschap nadragen onder het mom van 'Life’s not fair, live with it'. Of, gegeven de specifieke omstandigheden van het individuele geval, zetten we een streep onder een jeugdige faux pas?

De paradox van Aantjes
De paradox van Aantjes komt hierop neer: als een 21-jarige Joodse jongen in 1944 lid wordt van de Germaansche SS op basis van vervalste ariërdocumenten en hij weet arglistig naar Zwitserland te vluchten, dan beschouwen we dit als een heldhaftige krijgslist, non? Aantjes, eveneens 21, werkt in Duitsland als postbode. Hij meldt zich in de zomer van 1944 vrijwillig aan bij het SS hauptambt in Hamburg en wordt in oktober '44 bij de Nederlandse Landstorm geplaatst (onderdeel van de Waffen-SS). Volgens Aantjes de enige mogelijkheid om naar Nederland te vluchten. Hier aangekomen verzwijgt hij zijn SS-lidmaatschap. Twee dezelfde verhalen die onderling schuren.

In 1978 onthuld RIOD-directeur Lou de Jong tijdens een persconferentie het oorlogsverleden van Aantjes. Scherprechter De Jong presenteert echter deels ronduit onjuiste informatie en pleegt daarmee vakkundig politieke karaktermoord. Achteraf blijkt dat Aantjes nooit kampwacht is en bovendien weigert hij werkzaamheden voor de Landstorm uit te voeren. Zijn SS-lidmaatschap staat evenwel onomstotelijk vast. Bovendien worden zijn motieven om lid te worden niet gesubstantieerd door getuigen a decharge.

Aantjes, prins Bernhard en Jorge Zorreguieta
Het verweer van Aantjes is altijd zwak geweest. Een stupide keuze om lid te worden van de SS valt niet te nuanceren. Toch blijft hij die keuze vergoeilijken. Het was de gezagsgetrouwe cultuur in zijn geboortedorp Bleskensgraaf, hij had zuivere motieven of, zoals de laatste tijd, 'ik hoef niemand rekenschap af te leggen'. Wat dat betreft is Aantjes niet anders dan prins Bernhard of Jorge Zorreguieta. Het SS-lidmaatschap van prins Bernhard staat onomstotelijk vast, maar tot aan zijn dood ontkent hij dat. Jorge Zorreguieta maakt deel uit van het perfide Videla-regime, maar stelt niets van de verdwijningen te hebben geweten. Dat gebrek aan eigen verantwoordelijkheid nemen is wat mij tegen de borst stuit.

Gelijke monniken, gelijke kappen
Dat gezegd hebbende geldt gelijke monniken, gelijke kappen. Niemand - ook ik niet - neemt prins Bernhard de maat over zijn SS-lidmaatschap en Jorge Zorreguieta is wat mij betreft welkom bij een kroning van prins Willem-Alexander en prinses Maxima. Ten faveure van Aantjes geldt daarbij dat hij in de naoorlogse periode – u leest de Handelingen er nog eens op na – buitengewoon weloverwogen en verstandige dingen zegt en schrijft. Dat weegt zwaar. Voor Aantjes geldt daarom: fout? Ja, ooit in een ver verleden. Maar niet ernstig genoeg om steeds mee geconfronteerd te worden.

Met andere woorden Binnert de Beaufort: u heeft gelijk.

Harry Veenendaal
(oud) advocaat en historicus