We kunnen er niet om heen dat veel merken zijn verworden tot statussymbolen en of je dat nu leuk vindt of niet, juist dat effect maakt merken aantrekkelijk en waardevol. Er is merken dan ook veel aan gelegen om namaak te bestrijden en onze overheid ziet dat ook als een belangrijke taak.
Logisch want het ondermijnt zowel ons bedrijfsleven als ons vertrouwen in het handelsverkeer. Wanneer je er niet op kan vertrouwen dat de aangekochte Bugaboo wandelwagen origineel is met bijbehorende garantie, waar blijft dan de aantrekkelijkheid van dit oer Nederlandse merk? Dan laat ik gezondheidsrisico’s voor nepgeneesmiddelen en veiligheidsrisico’s voor ongekeurde apparaten maar even buiten beschouwing…
18 maanden cel
Binnen Nederland wordt dan ook streng opgetreden. Zo wordt in dergelijke zaken door de rechter bepaald dat de verliezende partij zijn volledige advocaatkosten vergoed moet krijgen van de namaker of verkoper van namaakspullen en zelfs het OM is bereid om tegen (grootschalige) namaak hard op te treden. Dit laatste mag wel blijken uit het recente vonnis van de rechtbank Groningen in een zaak waar 3 mannen tot 18 maanden cel zijn veroordeeld (lees link voor hilarisch verslag) voor het in december 2008 verzenden van ruim 800.000 nepfacturen getiteld: jaarlijkse bijdrage “Kantoor voor Klanten” in een van de Kamer van Koophandel gekopieerde factuuropmaak.
Daarnaast wordt door Nederland individueel bijvoorbeeld tijdens de laatste handelsmissies naar Turkije en China druk gezet op beruchte “namakers” om (ook) hard op te treden. Zelfs in Europees verband heeft Nederland een voortrekkersrol hierin. So far so good zou je zeggen maar Nederland heeft een doolhof aan regeltjes en hierin zit toch wel enige opportunisme verscholen, want we willen natuurlijk (net als bij het niet doorgaan van het downloadverbod) wel de kiezer te vriend houden.
Een klein wetboekje
Begin december is namelijk door het OM weer de nieuwe richtlijn voor strafvordering intellectuele-eigendomsfraude bekend gemaakt, in werking getreden op 1 januari 2013. Dit is het document waarop het anti-namaakbeleid van onze regering op is gebaseerd, een klein wetboekje met straffen zeg maar. En inderdaad, grootschalige invoer van al of niet gevaarlijke nepartikelen mag natuurlijk niet en leidt tot vervolging door het OM. De meest recente cijfers hierover stammen alweer uit 2009, maar duidelijk is dat veel wordt onderschept, ook bij reizigerscontroles. Het van achter je laptop bestellen van namaakspullen in het buitenland mag ook niet maar kleine hoeveelheden worden enkel in beslaggenomen zonder verdere strafoplegging (zie tabel 2 van die richtlijn).
Voor eigen gebruik? Invoeren mag!
Maar wat we natuurlijk niet willen is de kiezer/burger een pijnlijk moment bij de douane bezorgen (of de douane overbelasten) en dus is het beleid, ondanks het strenge vingertje in het buitenland, voor het invoeren voor eigen gebruik weer niet aangepast. Met andere woorden: iedere toerist mag maximaal 3 nephorloges, 250 ml nepparfum, 3 nep-DVD’s en 3 andere namaakspullen zoals nepgeneesmiddelen of cosmetica invoeren. Dat daardoor misschien ongelukken gebeuren of dat we daarmee in belangrijke mate diezelfde nepindustrie in toeristenlanden zoals Turkije, Thailand, Maleisië en Marokko in stand houden is kennelijk ineens ook niet meer belangrijk. Dus mag je wel nep Ugg’s kopen op vakantie maar niet bestellen via internet, kan iemand mij dat uitleggen?
Als je van die nepproducten het nep-label afhaalt (dat vaak zelfs afwijkend is) zie ik dat probleem niet meer.
Die Groningers zijn ook voor gewone oplichting veroordeeld, ze stuurde valse facturen.
Dit stukje is een beetje onnauwkeurig voor een jurist.
Met betrekking tot de Groningers: Ik ga er van uit dat je gezien hebt dat hier "Kantoor voor Klanten" gebruikt is, en het logo dat deze heren gebruikten was bijna een kopie van dat van de Kamer van Koophandel. Oplichting, inderdaad, maar het schuurt tegen namaak aan....
Volg ons op twitter: @StopNamaakNu
Dat is nu precies mijn punt: er zijn twee dingen, 1 het misbruiken van iemands naam, 2 het namaken van dingen.
In het stukje wordt dat door elkaar heen gebruikt, vandaar mijn commentaar. Bescherming van een merk vind ik een belangrijk iets, inderdaad omdat het belangrijk is om te weten met wie je zaken doet.
Ik als klein merk, kan gewoon niet heel veel geld besteden aan het vastleggen van mijn ontwerpen: grote merken kunnen mij dus vrijelijk kopiëren. Andersom gaat dat wat moeilijker. Ik vind een heel wetgevingsapparaat dat vooral de grote sterke bedrijven beschermd, niet passen bij het ideaal van een vrije markt. Een klein, sterk merk kan ieder moment een overnamebod verwachten dat ze niet kan afslaan, omdat ze het intellectueel eigendom niet kan verdedigen. Met alle marktconcentratie van dien.
Het kan zelfs nog erger. Je ontvangt helemaal geen overnamebod, maar het rijke concern maakt gewoon vrolijk inbreuk op je IE-rechten, omdat jij niet de financiën hebt om te procederen. Een merkregistratie is dan eigenlijk gewoon weggegooid geld.
Heeft iemand een oplossing hiervoor? Of ben ik eigenlijk altijd verplicht mijn leuke ideeën voor een prikje te verkopen aan een grote partij?