Hoe Bernard Wientjes tegen het stemvee jokt (1)

Babyboomer predikt Europese droom voor eigen parochie en laat volgende generatie bloeden. Het klinkt boud, maar het is toch de makkelijkste duiding van de beweringen die de werkgeversvoorzitter vandaag maakte.


Kortzichtigheid
En nee, die kloppen aantoonbaar niet. De euro creëert geen welvaart. Laten we kijken naar economische groei en banen. De werkgeversvoorzitter doet uitspraken over die macro-economische variabelen, die het nut van de euro moeten aantonen. Helaas kijkt hij niet voorbij zijn eigen vut-leeftijd.

Die kortzichtigheid blijkt ook uit het bijbehorende persbericht. Als de euro uiteen valt, dan daalt de export naar de zuid-Europese landen. Die kreet is juist. Laten we Griekenland als illustratie nemen, maar bij de andere landen die nooit de euro hadden moeten invoeren zien we hetzelfde.

In een grafiek zetten we de current-account-to-gdp (relatieve handelsbalansen) en de werkeloosheid onder elkaar en vergelijken we die met Duitsland. Wientjes c.s. hebben gelijk. Dankzij de euro hebben we meer handel in de eurozone, maar het laatste wat we daarmee moeten doen is blij zijn.

Die handel kost banen. Tussen 1980 en 2000 had Griekenland geen euro, maar een drachme die mee kon ademen met concurrentiekracht van het moment. Het handelstekort daalde daardoor en Griekenland loste zijn schulden af, totdat Athene de fatale fout maakte om in de eurozone te stappen (groene lijn). Daardoor ging het weer bergafwaarts met de nationale financiën.

De een zijn dood is de ander zijn brood
Tussen 2000 en de crisis van 2008 (rode lijn) nam de export van Duitsland wel toe, wat wordt weerspiegeld in de stijgende handelsbalans van de oosterburen. Het zal niemand dus verbazen dat Noord-Europese werkgevers blij zijn met de euro. Zoals we vorig jaar al aantoonden worden Griekse functionarissen met smeergeld aangezet om Duitse wapens te kopen. Duitsland heeft dan meer export, maar Griekenland meer import.

Het Duitse handelsoverschot wordt compleet verklaard door het Griekse handelstekort. De een zijn brood is de ander zijn dood. Het nare aan die handel is dat een structureel handelstekort gefinancierd wordt met schuld. Sinds Griekenland in de euro zit heeft het de externe schuld verdrievoudigd, naar €450 miljard. Dit is niet de staatsschuld, maar het bedrag dat particuliere en private sector hebben geleend in het buitenland.

Er is geen schuldencrisis
In 2008 vallen de banken om en is het kredietfeest over. De externe schuld van Griekenland kan niet meer toenemen, omdat er niemand meer is om bij te lenen. De creditcard van de Grieken wordt doorgeknipt, wat eigenlijk ook wel weer goed nieuws is. Daarom dalen de importen terwijl de export ongeveer gelijk blijft. Bij elkaar levert dat een neutrale handelsbalans op.

Maar Griekenland heeft een schuldgedreven economie. Omdat er geen geld meer is om te importeren op krediet, daalt de interne consumptie evenredig (kortom: er is geen krediet meer om Porsches te kopen, maar Grieken moeten ook op de kapper bezuinigen) en dat heeft een gigantische werkeloosheid tot gevolg. Dat causale verband blijkt uit de exact gelijktijdige explosie van het aantal werkelozen en de verbetering van de handelsbalans.

De handel in Europa nam dus toe, en weer af, maar op een of andere onverklaarbare wijze draagt de euro per saldo een weeksalaris bij aan de Nederlandse welvaart. Het CBP roept het, Wientjes blaat het na. Hoe kan dat nou, gegeven het voorgaande? Zoals Ewald Engelen van het Burgerforum aankaartte, is die vergaande conclusie afkomstig uit slechts een enkel onderzoek. Dat komt uit 2008, waardoor de schuldencrisis, het onvermijdelijke gevolg van het op de pof leven van de Grieken, gewoon genegeerd wordt.

De vraag is nu of de inkomsten uit die extra handel, gefinancierd met schuld, opwegen tegen de kosten van het redden van de Grieken. Dan zien we de echt baten van de euro en kijken we, anders dan het CPB, ook naar de zeven magere jaren. Daar komen we morgen op terug.