Geachte Heer Wientjes, Nederland maakt verlies op de export naar Zuid Europa (2)

Geachte Heer Wientjes, beste Bernard (met uw welnemen),

Uw aanname dat Nederland haar welvaart aan de Euro te danken heeft klopt niet. Als we de handel met bijvoorbeeld Griekenland als een investering zouden zien, dan maakt de samenleving een verlies van €4,2 miljard. Die last is scheef verdeeld. Uw achterban zal slechts een fractie van de pijn dragen.

 
Het positieve beeld dat u schets is dus ongenuanceerd en cijfermatig onjuist, precies de verklaring van de hoon die u sinds gisteren over u heen heeft gekregen. Het kost helaas meer woorden dan er op een bierviltje passen om dat voor te rekenen, excuus daarvoor.

'Zonder export is er geen Nederland'
Het is een vaak gehoorde fabel: Nederland verdient 70% van het inkomen aan export en die hebben we te danken aan de euro. Daarom: euro verloren, rampspoed geboren. Dat ’blijkt’ ook uit het rapport van VNO-NCW:

'We verdienen aan Europa ten eerste door onze exporten. Driekwart van de Nederlandse export gaat naar landen in de Europese Unie …. Wist u trouwens dat de export van Nederland naar de Europese Unie in 2011 maar liefst bijna 4 keer zo groot was als in 1990?'

Daaruit klinkt door dat die export hetgeen is wat we verdienen, maar ook dat die inkomsten er zijn dankzij de Euro. Dat is een stelling die niet te bewijzen, maar ook niet te ontkrachten is. In deze grafiek (van VNO-NCW) is Griekenland de oranje lijn (Blok 1981, toetreding tot de EU). Sinds de euro stijgt de handel inderdaad, maar dat gebeurde daarvoor ook al. 


Als we een grafiek maken met de export naar de VS dan zien we exact hetzelfde patroon, hoewel dat land géén Euro heeft. De stijging komt door het GATT-akkoord van 1994, waardoor de wereldhandel sowieso toenam. Overigens zit Griekenland door de crisis weer op het niveau van voor de Euro, zodat elk welvaartseffect door de eenheidsmunt verdwenen is. Maar goed, kniesoor die daarop let.

Winst of omzet?
De kern van het probleem is de verwarring tussen winst en omzet. Altijd lastig. Als Nederland een container met textiel uit Bangladesh voor €3 importeert en voor €4 doorverkoopt aan Griekenland, dan is de winst €1. Dat is wat we eraan verdienen. Overigens ging de opkomst van de Bengaalse textielindustrie gepaard met een vernietiging van de werkgelegenheid in die sector in Nederland. Hetzelfde werk dat in 1980 in Twente werd gedaan zit nu in Dacca. Het reële loon voor de maker van uw sokken is met een factor 30 gedaald.

In Bangladesh neemt men het met normen met betrekking tot veiligheid voor mens en milieu ook niet zo nauw, wat we als oneerlijke concurrentie kunnen zien. Maar goed, u vertegenwoordigt het grootkapitaal, niet de gemiddelde ondernemer of werknemer. Dit effect negeren we dan verder maar. In ieder geval moeten we rekenen met het verschil tussen export en import, de toegevoegde waarde, en niet de nominale waarde van de export.

Dat is redelijk, want de export van Hong Kong is bijvoorbeeld 120% van het BNP, de import 118%. Niemand durft toch te beweren dat 120% van het inkomen dat Hong Kong verdient uit het buitenland komt? Dat kan niet. Hong Kong heeft een toegevoegde waarde van 2%, dat is wat handel de stadsstaat oplevert. Laten we op dezelfde manier naar Griekenland en Nederland kijken.

We exporteren voor €2,1 miljard per jaar naar Griekenland. De dominante sector (een kwart) is ’voeding en levende dieren’. Het gaat dan ook om de onwelriekende vrachtwagens met meelijwekkend loeiende koeien die u wel eens op de snelweg ziet, op weg naar zuidelijker gelegen slachthuizen.


Griekenland heeft een schuldgedreven economie sinds het ten onrechte tot de Euro toetrad. Met die schuld kocht het goederen bij uw achterban, maar dat feest is over. Maar wie gaat de rekening betalen? Omdat het land technisch failliet is kan het niet meer op de pof leven door nóg meer krediet af te nemen. Nederland heeft daar last van want in 2010 werd er nog voor €2,5 miljard naar Griekenland geëxporteerd. Dat is intussen met een kwart gedaald. Andersom verkoopt Griekenland voor slechts een half miljard aan Nederland, dus het land maakt verlies op handel met ons.

Business Case: BV Nederland
Per saldo exporteert Nederland voor €1,6 miljard naar Griekenland. Laten we daar een business case van maken, met een heuse contante-waardeberekening. We negeren het feit dat Griekenland sociaal instort, dus die export is eeuwigdurend: wederom een veel te optimistische aanname.

Om die export te faciliteren moeten we dus onderbroeken uit Bangladesh per container invoeren. Ook moet er soja voor veevoer uit Argentinië komen, anders hebben die koeien in de vrachtwagen niets te eten. De current account van BV Nederland waar we mee rekenen is 8%, die is al jaren zo hoog. Dat is niet het gevolg van de euro, maar van loonmatiging sinds het Akkoord van Wassenaar uit 1982. De Grieken hebben iets soortgelijks nagelaten.
Kortom: ook zonder euro heeft Nederland een positieve handelsbalans.

Het deel van ons jaarlijks BNP dat we mogen toeschrijven aan Griekse handel bedraagt dus hoogstens €128 miljoen, namelijk 8% van €1,6 miljard. De doorverkoop van Bengaals textiel dat onder mensonterende omstandigheden wordt gemaakt is handel waar een waardeloze marge op zit. De belastingquote alhier is ongeveer 50%, dus dit levert de overheid €64 miljoen op. Dat getal is ook veel te positief want grote exporterende bedrijven, uw achterban, betalen onevenredig weinig belasting. Doen we ook niet flauw over.

In 2010 en 2011 kreeg Athene €240 miljard hulp. D66, bij monde van Wouter Koolmees, gaat er vanuit dat die niet volledig terugbetaald gaat worden. Dit zal ons €5 miljard kosten, dixit Koolmees. Laten we de overheid als een bedrijf beschouwen. Er wordt een investering gedaan van dat bedrag, er is een jaarlijkse dividendbetaling van €64 miljoen die we verdisconteren tegen 8%.

Dat is wederom een zeer optimistische aanname. 8% is de rente die de Griekse overheid op haar kredieten zou betalen zonder Europese noodsteun, maar Griekse bedrijven zullen een groter risico kennen. Als we dit als investeringsproject zouden waarderen en we gaan ook uit van de volgende aannames:

Griekenland zal tot de volgende ijstijd blijven bestaan, gaat economisch nooit krimpen (hoewel de bevolking door het lage geboortecijfer per twee generaties halveert) en zal nooit meer een cent hulp nodig hebben; dan is de netto-contante waarde van deze investering €4,2 miljard negatief (namelijk €64 miljoen/8%, minus €5 miljard). Als Griekenland eenmaal €5 miljard kost bij een eeuwig terugkerende inkomstenbron van €64 miljoen, dan is het per definitie een zeer verlieslatend project.

Nederlandse nuchterheid
Wellicht is het u opgevallen dat uw videoboodschap bij de NOS nogal wat negatieve reacties losmaakte in de samenleving. Die vinden we begrijpelijk. Uw achterban is de partij die in het verleden winst kon inboeken aan bovengenoemde handel. Bovendien betaalt die veel te weinig belasting, die tientallen trustkantoren op de Zuidas zorgen daar wel voor. Daarom betalen de werkgevers minder dan proportioneel mee aan de redding van Griekenland.

Die export is gefinancierd met schuld, waarop afgeschreven wordt wegens oninbaarheid. De last daarvan wordt echter over de hele samenleving verdeeld. Die bestaat niet alleen maar uit exportondernemingen, maar ook uit gepensioneerden, schoolgaande kinderen, hulpbehoevenden, het overgrote meerendeel van de Nederlandse producenten dat voor de binnenlandse markt produceert zoals de bakker om de hoek, enz enz.

De handel met Griekenland vertegenwoordigt 0,4% van ons BNP, maar veroorzaakt een verhoging van onze staatsschuld met €5 miljard. Om dat tot een winstgevende investering om te breien, moeten we absurd optimistische aannames in bovenstaand model stoppen. Dan pas klopt er misschien iets van uw verhaal dat verkopen op schuld aan failliete landen een winstgevende business is. Maar daar is Nederland geen groot handelsland mee geworden.