Ondertussen aan de grenzen van het Europese Rijk (uitbreiding van de EU 2)

Nee, beloofden Frans Timmermans en Jean-Claude Juncker ons: we gaan niet zomaar door met de uitbreiding van de EU. Want eenmaal bij die EU, moet u ook die vermadelijde euro invoeren. Bij Griekenland hebben we gezien dat we dat beter niet te overhaast kunnen doen. Er zijn drie landen die er toch versneld in worden gerommeld, onze problematische muntunie. Albanië, eigenlijk een failed state, hebben we vorige week al besproken. Laten we nu eens naar Kosovo kijken. 

Slag bij het Merelveld
Vraag een fervent eurofiel waarom dit continent moet opgaan in een enkele politieke unie en het antwoord is helder: met onze gedeelde normen en waarden is het beter om gezamenlijk op te trekken. Maar is dat wel zo? De EU is stiekem in gesprek met Kosovo, een minirepubliek in het hart van de Balkan. Deze telt officieel twee miljoen inwoners, maar niet minder dan een kwart daarvan is weg uit het land, vaak illegaal werkend in de EU en dan met name Italië. De levenstandaard van de gemiddelde Kosovaar is een tiende van het Nederlandse equivalent.

Zonder dat dit is voorgelegd aan de inwoners van de EU of die van Kosovo is het sinds 2008 een expliciete beleidsdoelstelling van de EU om het land op te nemen. Maar zo kosmopolitisch als de Brusselse ambtenaren zijn die dit plan bedachten, zo gehecht zijn de inwoners van de westelijke Balkan aan hun geschiedenis. Het probleemdossier Kosovo begon in 1981 vorm te krijgen. 

Na de ineenstorting van het Habsburgse Rijk in 1919 verbonden Serven, Kroaten en enkele andere volken zich in de Joegoslavische Unie. De Serven vormden de grootste groep (blauw) maar in de Servische deelrepubliek was een grote Albanese minderheid (bruin) te vinden. In 1981 bezetten studenten uit deze groep de Universiteit van Pristina, de hoofdstad van Kosovo. 

Bezetting
Ondanks pogingen om een multi-ethnische unie te bouwen vielen steeds meer Albanese Kosovaren terug op eigen identiteit. Dat leidde tot een steeds grotere groep studenten die zich op 'Albanologie' richtten, de studie van Albanese taal en cultuur. Die kende geen baangarantie, dus een grote groep academici raakte werkeloos. Onder deze groep broeide een agressief nationalisme dat zou uitmonden tot een Kosovaarse staat in 2008.

In 1981 bezetten deze studenten hun faculteit, wat leidde tot rellen die uiteindelijk door een 30.000-man tellende macht van het Joegoslavische leger werd neergeslagen. De vraag is waarom deelrepubliek Servië geen staatskundige herverdeling toestond, waarbij de Kosovaren een vorm van autonomie zouden krijgen. Het antwoord op die vraag ligt in een cruciale gebeurtenis verscholen die zes eeuwen (!) daarvoor plaatsvond. U ziet, een Balkanees heeft een goed geheugen. 

Kosovaren zijn Islamitisch, wat een gevolg is van verschillende oorlogen in de Middeleeuwen. In de veertiende eeuw was Servië een machtig koninkrijk op het schiereiland, dat verder verdeeld was tussen Bulgarije en het Romeinse Rijk (Byzantium). In 1389 vond er een grote Turkse invasie plaats. De Servische koning vocht een veldslag uit waarbij zowel het Turkse als het Servische leger compleet werden vernietigd. 

De Ottomaanse opmars was tijdelijk gestuit, maar dit was de laatste keer in de geschiedenis dat Servië internationaal een grote rol van betekenis speelde. De Slag bij het Merelveld vond plaats nabij het huidige Pristina en is voor Serven een belangrijk deel van hun identeit. Kosovo laten ze niet zomaar los. Elk jaar organiseren Servische nationalisten een herdenkingsmars, wat geregeld uitmondt in rellen. 

Burgeroorlog
De Kosovaarse rellen leidden tot de opkomst van Slobodan Milosević, de nationalistische president van Servië. Volgens het Haagse oorlogstribunaal, dat zich bezighoudt met misdaden begaan in het voormalig Joegoslavië was hij het die de verkiezingen won met zijn oorlogsretoriek. Bij de zeshonderdjarige herdenking van de Slag bij het Merelveld waren niet minder dan een miljoen Serven aanwezig. Volgens commentatoren (we onthouden ons van een mening over de neutraliteit van de berichtgeving) is dit de start van de Joegoslavische burgeroorlog.

De grenzen tussen Slovenen en Kroaten en later Kroaten en Serven waren relatief snel afgebakend. Pas relatief laat in de Joegoslavische burgeroorlog, in februari 1998 mondde het Kosovaars-Joegoslavische conflict uit in grootscheepse gewelddadigheden. Net als de andere Joegoslavische volkeren die met succes voor onafhankelijk streden van het Belgrado van Milosović deden Albanees-Kosovaarse opstandelingen nu een poging. Ze waren verenigd in het UCK, een verbond van lokale milities.

Heroïnehandel
Dankzij steun van hun Albanese bondgenoten, die bekend of berucht zijn om hun bendes die wapens smokkelen had het UCK in 1998 een macht die in staat was het gezag van Belgrado te tarten. De wapens werden betaald met giften uit de Albanese diaspora in de rest van Europa. Daaronder vinden we veel geharde criminelen, die samen 70% van de heroïnehandel tot aan Amsterdam beheersten. 

Milosević stuurde het restant van zijn leger op het UCK af, dat 2.000 slachtoffers te verwerken kreeg. Bij dit geweld kwam er een vluchtelingenstroom onder etnische Albanezen op gang. Het neerslaan van de opstand deed de NAVO, die nog kampte met het debacle van Srebrenica, besluiten tot ingrijpen. Middels Operation Allied Force werd Belgrado gedwongen zijn troepen uit Kosovo terug te trekken, zodat de Albanezen die het conflict ontvluchtten weer konden terugkeren. 

De NAVO vatte dit samen onder de term 'Serbs out, Kosovars in'. Dat ging helaas verschrikkelijk mis. De NAVO probeerde het conflict middels bombardementen uit te vechten, dus met een pure luchtoorlog, die Servië tot capitualtie moest dwingen. Overigens haalde de Nederlandse Luchtmacht zijn enige lucht-lucht-overwinning ooit sinds de Oorlog, toen een Servische Mig-29 door een Nederlandse vliegenier werd neergehaald. 

Toen de Servische militairen zich inderdaad terugtrokken, lieten ze een machtsvacuuüm op de grond achter in Kosovo. Omdat de NAVO enkel vliegtuigen inzetten, waren er geen grondtroepen beschikbaar. Men hoopte dat het UCK zich netjes zou gedragen en een Albanese staat zou opbouwen. Het UCK was echter een samenraapsel van opstandelingen, wapen- en drugsdealers, huurlingen en criminelen. Daarnaast is er een jihadistische minderheid, een erfenis van de Ottomaanse bezetting in de Middeleeuwen. Op dit moment vechten er ook tientallen Kosovaarse jihadisten voor ISIS die, zoals deze vorig jaar gearresteerde terugkeerder, vreselijke oorlogsmisdaden begaan.

Zonder staat
Het was teleurstellend voor de NAVO dat het UCK direct oorlogsmisdaden pleegde tegen de achtergebleven etnische Serven. 'Serbs out' betrof niet alleen de militairen, maar ook willekeurige burgers. Daar de NAVO de opmars van het UCK mogelijk maakte, is het tot op de dag van vandaag een impopulair onderwerp. De enige keer dat het lot van de etnische Serven uit Kosovo het Nederlandse nieuws haalde, was toen Rita Verdonk probeerde om Taida Pasić uit te zetten. Het was voor Nederland beschamend dat een Servisch meisje asiel zocht in Nederland, terwijl ze afkomstig was uit een regio die Nederland juist had helpen 'bevrijden'.

Tot op de dag van vandaag doet Verdonk haar uiterste best om elke verwijzing naar dit dossier van haar persoonlijke Wiki af te houden. Kosovo is nu een klein-Albanië, waar de voormalige leiders van UCK-milities het voor het zeggen hebben. Dat zijn vaak niet de prettigste lieden. Naast de genoemde drugs-en wapendealers vinden we een fractie onder leiding van Hashim Thaçi. 

Volgens Interpol is deze man (met opvallende haardos) een van de gevaarlijkste criminelen van Europa. Hij houdt zich bezig met het roven en verhandelen van organen als levers en nieren, een nog lucratievere handel dan die in wapens en drugs. Op die manier kon hij zijn eigen militie financieren, waardoor hij achtereenvolgens Premier en Minister van Buitenlandse Zaken van Kosovo is geworden.

Daar hij feitelijk door de NAVO op zijn huidige positie is gebombardeerd, lijken de Westerse mogendheden zijn criminele verleden door de vingers te willen zien. Niet alleen onderhoudt hij een goede relatie met de Amerikaanse regering, ook Brussel wil graag met Thaçi in gesprek over Kosovaarse toetreding tot de EU. 

Eeuwig donorschap
De beslissing om Kosovo van Servië los te weken lijkt een grote blunder te zijn, omdat deze regio te zwak is om als zelfstandige staat te functioneren. Desondanks werd Kosovo in 2008 onafhankelijk verklaard. Deze blunder wordt opgelost met een nieuwe, want Kosovo wordt nu onderdeel van de EU en komt zo onder een soort eeuwigdurende curatele van Brussel te staan. Nu al is het land volledig afhankelijk van West-Europees donorgeld. 

Elke veiligheidsexpert die we spreken houdt zijn hart vast voor deze ontwikkelingen. Als we Kosovo erbij halen, delen we Europese paspoorten en euro's uit aan de zwaarste criminelen die ons continent rijk is. Verder vallen hun zwarte winsten onder het Europees depositogarantiestelsel en mogen ze vrij door de EU reizen. Vanuit de veiligheidsdiensten is er een actieve lobby gaande om Kosovo toch vooral niet om de verkeerde redenen versneld toegang te verlenen. 

De reactie van Thaçi is redelijk voorspelbaar. Ook Kosovo moet zo snel mogelijk bij de EU, in verband met ISIS en Putin. Het zijn dezelfde oneigenlijke redenen die de aanwezigheid van Griekenland in onze muntunie verklaren. We vallen dus in herhaling. Een handig voordeel bij Kosovo: een man als Hashim Thaçi wacht niet totdat anderen hem toestaan zijn dromen te realiseren. 

In 2001 sloot hij een geheim pact met de ECB waarbij de euro, clandestien, de nationale munt van Kosovo zou worden. Zonder dat een enkele Europese, democratisch gekozen vertegenwoordiger erin is gekend heeft Kosovo alvast de euro ingevoerd. Andere landen moeten door een lange procedure heen, waarna lidmaatschap van de muntunie de langverwachte beloning is. 

Om daar te komen moet een land optreden tegen corrupte politici als Thaçi. Door zijn snelle deal met de ECB heeft hij dat mooi weten te voorkomen. Kosovo, u bent er niet klaar voor, maar welkom in onze verre van perfecte muntunie.