JORT doet 't met 250 naaisters [filmpje]

Een plakpak uit China, als schrijver van het inmiddels antiquarische Man & Pak was dat niets minder dan Het Kwaad. Nu, twee decennia later, bezoek ik de kleermakers die de JORT-pakken voor SuitSupply in elkaar naaien. Niet geplakt, uiteraard. In de grazige heuvels van Piëmonte of Calabrië? Eh... nee, in Whenzou. Een middelgroot stadje (lees: 5 tot 10 miljoen inwoners, niemand weet het exacte aantal) in de oostelijke kustprovincie van China. En, hoe zagen de ateliers eruit? Ateliers? Zeg maar rustig: fabrieken. Aan één lijn werken zo'n twee- tot driehonderd kleermakers. Moet ook wel, want SuitSupply naait inmiddels meer dan vierhonderdduizend mannen per jaar in het pak. Ze hebben dus meerdere leveranciers nodig die elk zo'n honderdduizend 'schouders' produceren voor het aanzwellende pakkenimperium. 

Kortom, is die polderkakker een hypocriete zakkenvuller die maatwerk bezingt maar ondertussen sweatshops vol Chinese dwangarbeiders exploiteert? Nee hoor. Als je smerig rijk wilt worden moet je het niet van die drieduizend JORT-pakkies per jaar hebben. Dan trouw je gewoon met Clairy Polak. De waarheid die ik tijdens mijn Chinese werkbezoek trof was een andere, uiterst pijnlijke, voor het oude Europa. Italianen kunnen dit niet. Of, althans, niet meer. Wie een collectie wereldwijd sharp in de winkels en online beschikbaar wil hebben, kan zich niet afhankelijk stellen van Italiaanse tradities als onverwachte stakingen, voorspelbare bureaucratie of de op zichzelf boeiende voetbalwedstrijd Milan-Napoli; retail is een logistiek klusje dat met militaire discipline gedaan moet worden. En daar is de bezeten gele roofmier toevallig beter in dan de impulsieve Latino. Om de kwalen van hun geliefde land te ontvluchten zijn de familie Zegna en andere Italiaanse kleermakers voor de productie al vroeg uitgeweken naar China. Daar werd de textielindustrie omgeschakeld van Mao-pakken naar mode. En u weet hoe dat met Chinezen gaat: ze zijn zeker zo slim en werken twee keer zo hard. Vandaar dat uw hele inloopkast tegenwoordig uit Azië komt. Als het een designerlabel is, staat er soms nog wel 'Italia' op het label. Maar neem dat vooral niet te letterlijk. Van dezelfde lijn als mijn JORT-pak rollen ook de jurkjes van een beroemde ontwerper wiens naam lijkt op een middenklasser waar u zeker niet in gezien wilt worden. U hoort mij niet zeggen dat het een T. Ford versus een F-Type is, maar de €699 die wij vragen is geen fractie van wat Signor de Ontwerper op z'n prijskaartje print. Maar hè, dan zit u wel in een echte Ford! Made in China.

En, o ja, omdat de Koning er bij Xi niet over durft te beginnen, toch even aankaarten onder welke omstandigheden die delicate JORT-lijn geproduceerd wordt. SuitSupply voldoet naar eigen zeggen aan allerlei keurmerken. Zo zijn ze lid van de Fair Wear Foundation en controleren leveranciers op ondermeer dwangarbeid, discriminatie en kinderuitbuiting. Maar eerlijk is eerlijk, of dat genoeg is? Onmogelijk te checken tijdens een 3-daags werkbezoek. En de textielindustrie moet sowieso milieu-vriendelijker gaan produceren; wie weet dat voor de productie van een spijkerbroek 8000 liter drinkwater verspild wordt? Gelukkig heb ik geen jeans (maar wel een minder volks denim shirt van kasjmier-katoen). Hoe dan ook, los van allerlei labeltjes en sussende woorden: er wordt flink doorgestikt bij onze productielijnen in Whenzou. En zoals ik in deze aflevering van Hoe heurt het eigenlijk? laat zien, komt de Chinees na gedane arbeid lekker los. En zuipt z'n collega's en Uw Verslaggever onder tafel.

Enfin, terug naar de zaak: zou u lange dagen achter een naaimachine knoopsgaten willen maken, voeringen stikken of pakken persen? Even wennen voor consultants, managers en toetsenbordridders, maar dat is nu w-e-r-k. En wie de nuffige kelders van de bespoke tailors op Savile Row of de smoezelige Napolitaanse grotten van de su misura sarti weleens bezocht, weet dat de oude wereld geen recht van spreken heeft jegens de naaistraten te Whenzou.   

Genoeg over de inhoud, terug naar de essentie: het uiterlijk. Even over wat al weer mijn derde najaar/winter collezione heet. Het thema in deze barre tijden is 'survival'. Vandaar die krijtstreep overall, een ode aan de beroemde Siren Suit waarmee Winston Churchill 75 jaar geleden de Slag om Engeland bomstofvrij doorstond. Voor de JORT-collectie hebben we 'm voorzien van een waterdichte rode voering. Vergeet op een herfstige dag de samenklappende paraplu's of volgepakte trams met muffe natte regenjassen, doe als Winston die overall over uw pak en toog even stijlvast als regenbestendig naar uw kantoorsilo. (Bestel eventueel hier een Siren Suit, de oplage is beperkt.) En voor wie zo'n krijtstreepoverall te ostentatief is, opteert voor wat al sinds 1824 de simpelste en beste regenjas is: de Makintosh.   

Klik hier voor de complete JORT-collectie. De meeste stoffen zijn berekend op het seizoen. Boterzacht kasjmier, behaaglijk flannel en dekendik moleskin (nee, niet van platgeslagen mollen maar een stoere navy-jas van dicht geweven katoen van Brisbane Moss). Mijn persoonlijke favoriet is een absolute primeur voor SuitSupply: Super 160. In wol is dat zo ongeveer het fijnste en dunste. Onze wever Vitale Barberis Canonico haalt het bij Greenhills, een schapenboerderij die in deze kwaliteit slechts 200 kilo per jaar kan scheren. Minder is meer. Onze Super 160 voelt als zijde maar mist de look van een maffioos. Elders kost een pak in deze kwaliteit minimaal het dubbele, maar die gekkies van SuitSupply volgen de filosofie van David Brown, de legendarische eigenaar van Aston Martin. Toen een vriend hem benaderde of hij een DB aan hem wilde verkopen tegen een prix d'amis, antwoordde Brown: 'I can't sell you at cost, because I couldn't possibly charge a friend that much'. Aston Martin was altijd verliesgevend, vandaar. Zo is het met SuitSupply niet. (Sterker, het gaat oprichter Fokke de Jong naar den vleze. Vorige week huurde-ie penthouse-restaurant Mr Porter nog af om te vieren dat het bedrijf weer volledig van hem is na de uitkoop van een trio aandeelhouders van het beschimmelde McGregor.) Maar ook al behoort SuitSupply met Rituals en G-Star tot de enige retailers van Nederlandse origine die internationaal doorbreken, een reden te meer om eens af te rekenen met het budget imago dat het merk in eigen land sinds de start in 2000 aankleeft. Vandaar dat ik apart naar het hoofdkantoor afreisde met de missie om mijn Super 160 drastisch in prijs te verhogen. 'Boven de duizend?', sprak een cheffin van dienst. 'Dat betalen ze in Amerika moeiteloos, maar onze Nederlandse klanten zijn dat niet gewend.' Ofwel: we hebben weer afgezien van de '3,5x over de kop'-regel die in de modewereld gebruikelijk is en bieden de Super 160 aan voor een onverantwoordelijk lage prijs. Dan moet De Jong het zelf maar weten. En u ook. En mocht ik u binnenkort in zo'n Super 160 tegenkomen, doe mij een lol, en doe er zo'n setje kniehoge kasjmiers bij.