Europese integratie kost werkende Nederlander een jaarsalaris: daarom, trap op de rem (1)

Zo'n referendum, waar was dat nu ook alweer voor nodig? Feit: te snelle Europese expansie en integratie kosten de gewone Nederlander geld, en niet zo'n beetje ook. Grofweg levert de meest vergaande vorm van integratie - de eenheidsmunt euro - ons een weeksalaris op, maar kost het bijstaan van zwakke landen ons een jaarsalaris. Tel uit de winst.

Het idee dat de euro ons een weeksalaris oplevert, komt van het CPB. Er is veel op dit sommetje aan te merken en waarschijnlijk is het voordeel veel kleiner, aldus toenmalig directeur van het CPB Coen Teulings. Maar laten we niet flauw zijn: wegens het verdwijnen van de kosten bij het grenswisselkantoor besparen we ons allemaal ongemak en daar worden we een weeksalaris per jaar rijker van. 

Het echte voordeel van Europese integratie zit hem echter in de interne markt. Dat zien we aan de (voormalige) opkomende Europese landen Slowakije, Slovenië en Tsjechië: in tien jaar is het gemiddeld inkomen daar verdubbeld. Dat was niet mogelijk geweest onder het juk van de ouderwetse bureaucratie en regeltjes aan de grens. Handel mogelijk maken werkt, dat moge duidelijk zijn. Maar daarmee is nog niet gezegd dat volledige integratie, met welk land dan ook, voordelig is. Europa gaat te snel. 

Wisseltruc
Het schoolvoorbeeld is Griekenland. In 1999 voldeed het niet aan de eisen om deel te mogen nemen aan de euro, net als Italië overigens. De begroting was niet op orde en de schulden waren te hoog: ver boven het afgesproken plafond van 60 procent, de rode lijn. Het idee was dat dit deze landen vergeven zou worden, zodat ze dat signaal zouden oppikken en als dank werk zouden maken van hun financiële stabiliteit. Het is precies deze naïviteit die de schuldencrisis heeft veroorzaakt. 

De Griekse staatsschuld is één keer een piepklein beetje gedaald, begin deze eeuw: de fameuze wisseltruc van Goldman Sachs. Die kleine beweging ten goede, bij de groene pijl, maakte de andere Europese landen zo enthousiast over de Griekse inzet, dat het de euro mocht invoeren. Daarna was er geen enkel drukmiddel meer en daarna heeft Griekenland zich nooit, letterlijk nooit aan de afspraak gehouden om de staatsschuld op orde te krijgen. Het gevolg is bekend. 

Zeer tegen de afspraken in heeft Europa belooft de schulden van de zwakke broeders te saneren. Hoeveel kost dat Nederland? Dat staat in de miljoenennota

Voor de duidelijkheid: dit zijn miljarden euro's. Voor acht Europese en internationale organisaties heeft Nederland zich garant gesteld voor een bedrag van ruim € 150 miljard. In 2011 stond de teller nog op nul; deze posten zijn het gevolg van de steunfondsen die we hebben opgetuigd om andere Europese landen te redden. € 150 miljard voor Nederland staat gelijk aan € 20.000 per werkende Nederlander, daar hebben we er zo'n acht miljoen van en voor veel van hen is € 20.000 een jaarsalaris. Ergo: deelname aan de euro levert ons een weeksalaris op maar kost ons een jaarsalaris. You do the math

Kan het eigenlijk ook anders?