Pink Ribbon houdt ordinaire tietenrace en wordt irrelevant: uitgaven onderzoek -/- 93%

Is een tietenrace een geëigend middel om borstkanker te slopen? Was het maar zo makkelijk. 'Kijk eens naar de cijfertjens van Pink Ribbon', aldus een bezorgde lezer. Die club staat van alle kanten onder druk wegens de nogal oppervlakkige manier van geld inzamelen. Dat is niet zonder gevolgen gebleven. 

Wellicht herinnert u zich dit artikel in Trouw nog, van eerder dit jaar. Pink Ribbon organiseerde een gesponsord event, waarbij het de bedoeling was om zoveel mogelijk vrouwelijk schoon op een voetbalveld te proppen. Daar is natuurlijk helemaal niks mee volgens ons paradigma, maar u zult zich afvragen wat dat te maken heeft met de bestrijding van een vreselijke ziekte. Sterker nog, voor vrouwen (en mannen) die de ziekte overleven zal het ook niet veel toegevoegde waarde hebben, integendeel. Waarom worden dit soort evenementen dan gehouden?

Wetenschappelijk onderzoek
Eerder dit jaar stapte de patiëntenadviesraad van Pink Ribbon op, om precies die reden. Het was wachten op een nieuwe jaarrekening, en ziedaar. Wat zou de impact van het vertrekken van de vertegenwoordiging van juist de doelgroep zijn? Die is niet best. 

Vorig jaar (tot april, want de stichting kent een gebroken boekjaar) werd er nog geen half miljoen aan de hoofddoelstelling uitgegeven, slechts een kwart van de totale baten van de club en ook een kwart van de uitgaven aan wetenschappelijk onderzoek in het jaar ervoor. Dat herhalen we. Ten opzichte van 2014 heeft Pink Ribbon 75 procent minder aan wetenschappelijk onderzoek uitgegeven. Daarmee ontstaat de vervelende situatie dat de stichting meer geld uitgeeft aan het eigen personeel dan aan onderzoek.

Men kan zich afvragen waarom een donatie niet rechtsstreeks naar het KWF of een UMC zou kunnen gaan, 'cut out the middleman' zeg maar. Van elke aan Pink Ribbon gedoneerde euro gaat een groter deel naar personeelskosten, pensioenpremie en vakantiedagen dan naar onderzoek. 

In 2011 besteedde Nieuwsuur een item aan de stichting en dat heeft ze geen goed gedaan. Twee jaar geleden werd er nog € 6,2 miljoen aan wetenschappelijk onderzoek uitgegeven, een bedrag dat nu door vijftien is gegaan. De vraag van het bestaansrecht van de BN'er-gala's, tietenraces en vrolijke armbandjes dringt zich onvermijdelijk op. 

Dit soort stichtingen kent meestal een enorme balans bij een relatief bescheiden bedrag dat jaarlijks aan het hoofddoel wordt uitgegeven. Dat is een teken van voorzichtigheid en (meestal) niet ondoelmatigheid. Laten we eens een voorbeeld geven. Pink Ribbon organiseert in Emmen sjieke gecombineerde lesbische schuimstripteases en wasbeurten op de motorkap van voorbijscheurende bouwvakkers, voor slechts € 50 per keer, te betalen door de gelukkige mannelijke automobilist. 24.000 bronstige bouwvakkers hebben er wel oren naar en zo heeft Pink Ribbon € 1,2 miljoen in kas. Die zien we bij 'liquide middelen' staan terwijl er aan de andere kant van de balans een reserve aanwezig is en geen schuld. Met andere woorden: deze € 1,2 miljoen kunnen we uitgeven aan onderzoek. Daarom, als u bij een goed doel een paar miljoen op de balans ziet staan dan is dat dus niet per definitie dood geld. Het kan op een bestemming wachten, of het betreft een toegezegde bestemming voor de lange termijn. Er onstaat wel eens ophef als een goed doel of een zorginstelling een grote post liquide middelen heeft, maar dat hoeft niet slecht te zijn. 

Casino
Stel eens dat Pink Ribbon belooft om wetenschapper Willy bij zijn werk te steunen. Willy doet goed onderzoek naar kanker maar kan geen funding vinden. Zijn onderzoek ziet er hoopgevend uit, maar het zal precies tien jaar in beslag nemen en € 100.000 per jaar kosten. Zo'n periode is niet vreemd in de wetenschappelijke wereld. Het onderzoek kost dus € 1 miljoen in totaal en dankzij de wulpse motorkapartiestes is dat geld aanwezig. Er is zelfs € 200.000 over, geld dat we in een reserve stoppen als dekking voor tegenvallers. Elke organisatie doet er slim aan zo'n reserve op te zetten. 

Aan het einde van het eerste jaar hebben we een balans met vier posten (als dit het enige onderzoek is). Ten eerste is er de post liquide middelen. Die is van € 1,2 miljoen naar € 1,1 miljoen gedaald, omdat we het eerste jaar van Willy zijn onderzoek hebben gefinancierd. Ten tweede is er een korte schuld, omdat we binnen een jaar nog een keer € 100.000 moeten overmaken. Het verschil tussen een korte en een lange schuld zit hem in de termijn: betaalbaar binnen twaalf maanden is kortlopend, anders is het lang. 

Daarmee zijn er twee van de tien onderzoeksjaren gedekt, blijven er nog acht over die in de komende jaren voldaan moeten worden. De lange schuld is dus € 800.000 en er zit € 200.000 in de reserve. 

Voorbeeldbalans

Natuurlijk kunnen we die liquide middelen ook op de beurs laten renderen, door er aandelen Deutsche Bank van te kopen. Of ermee naar Las Vegas gaan, en als we dan winnen kunnen we nog meer onderzoek financieren. Gelukkig werken de meeste goede doelen niet op die manier. Maar het moge duidelijk zijn dat een fonds dat in een enkel jaar € 100.000 aan wetenschappelijk onderzoek heeft uitgegeven, een balans heeft die tien keer zo groot is. Dat is geen teken van ondoelmatigheid maar voorzichtigheid, de financier kan immers ten allen tijden over de voor onderzoek toegezegde middelen beschikken. Beter dat dan dat er in Griekse staatsobligaties of derivaten wordt belegd. Wel kent geld dat zo lang vastzit, in zijn algemeenheid een verhoogd frauderisico zoals we helaas bij de stichting ALS (van de Ice Bucket Challenge) zagen. 

Balans Pink Ribbon

De doelmatigheid van een dergelijke instelling kunnen we dus beoordelen aan de hand van de mate waarin het op jaarbasis in staat is om wetenschappelijk onderzoek te financieren. Dat kunnen we benchmarken met de eigen historie, evenals de verhouding tussen de besteding aan het hoofddoel en de organisatorische lasten. 

Resultatenrekening Pink Ribbon

Uit de cijfers van Pink Ribbon blijkt dat dit getal in drie opvolgende jaren daalt van € 6,2 miljoen naar € 0,4 miljoen, oftewel 93 procent. Daardoor is dat bedrag uitgekomen op minder dan de jaarlijkse personeelskosten. Pink Ribbon heeft met de flauwe evenementjes haar geloofwaardigheid verloren en daarmee de complete effectiviteit. Voor elke euro die er naar onderzoek gaat, wordt er ook eentje aan salariskosten betaald en dat is een behoorlijke wanverhouding. Bij het KWF is deze score één op tien. Beter heft Pink Ribbon zichzelf dan maar op. De verhalen van slachtoffers zijn aangrijpend, maar dat neemt niet weg dat het zinvol is om een discussie te voeren over de doelmatigheid van een charitatieve instelling, alsmede het bestaansrecht. Het sluiten van ondoelmatige instellingen helpt het goede doel (geld inzamelen voor de financiering van wetenschappelijk onderzoek naar de bestrijding van kanker) juist. Zodoende besparen we op die personeelslasten, zodat een eventuele donateur hetzelfde geld direct aan het KWF geeft en we als land per saldo juist meer aan wetenschappelijk onderzoek kunnen uitgeven.