Waarom het misgaat met onze munt [inleiding Het Euro Evangelie]

Helaas, we krijgen gelijk.
‘Al die honderden miljarden, dat begrijpt de kijker niet…’. Het is juni 2014. Eenderde van de kiezers maakt zich op om te stemmen voor de samenstelling van het Europese Parlement. En wij van 925, blog voor ‘de betere kantoorknuppel’, storten ons op de lancering van Het Euro Evangelie. Om enige media-aandacht te krijgen, plug ik het pamflet bij De Wereld Draait Door. Dat lijkt te lukken. Tot redactiesjef Dieuwke Wynia daags voor uitzending begint te twijfelen. ‘Jort, razend interessant onderwerp, maar de materie is te ingewikkeld en de getallen zo groot, daar kan geen kijker zich iets bij voorstellen.’ Punt voor de (inmiddels vertrokken) doyenne van DWDD. Grote getallen gaan het bevattingsvermogen te boven.

Vergelijk het met Josef Stalins cynische uitspraak over de oorlogsvoering. ‘Eén dode is een tragedie, één miljoen doden een statistiek’. En tsja, die apocalyptische ondertitel van Het Euro Evangelie kwalificeerde ook niet echt voor goed humeur-tv: ‘Waarom het mis gaat met onze munt, en wie het bonnetje van €6.000 miljard gaat betalen…’. Voeg dat alles bij de wijsheid onder kijkcijfer-koekeloerders dat alleen al het gebruik van het woord ‘Europa’ de helft doet wegzappen, en u begrijpt waarom wij niet bij Matthijs aanschoven. Ook bij ernstiger media haalde ons pamflet niet snel de line-up. De Brusselse redacties zijn ijveriger in het reciteren van de communiquès van Jean-Claude Juncker en Mario Draghi, dan in het uitpluizen van de duistere boekhouding van, zeg, het European Stability Mechanism of de Banca Monte dei Paschi di Siena. Journalisten, het blijven dilettanten met debet en credit. Eigenlijk was er maar één tv-journalist die er met twee gestrekte benen in wilde: de katholieke ankerman Sven Kockelmann. Nuff said.

Mainstreammedia
Vanwaar die desinteresse bij al die gewichtige media? Online heeft Wellens/925 een aanzienlijke schare trouwe volgers en in off the record-gesprekken bevestigden experts uit de financiële- en ambtelijke wereld zijn sombere analyse over de eurocrisis. ‘Sterker’, sprak een Zuidas-bankier die het weten kan, ‘ik denk dat je nog veel te mild bent’. Godlof, Wellens’ graafwerk bleef niet ongezien en evenmin zonder effect: er volgden meerdere Kamervragen op basis van zijn onderzoeken naar ondermeer fraudeurs in het Baltische en Moldavische bankwezen.

Daar kwamen zelden heldere antwoorden op van minister Dijsselboem. Wellicht kriebelt zijn dubbele pet als Eurogroepvoorzitter. Maar met dat soort machtspolitiek hebben de media niets vandoen. Toch leest u maar weinig geduchte analyses hoe de eurocrisis afgewikkeld zal worden. Interesseert het de - zoals ze vaak malicieus genoemd worden -mainstream media onvoldoende? Past het niet in het eurofiele gelijk dat hun commentatoren en columnisten ons dagelijks betrekkelijk feitenvrij inwrijven?

Joeri’s en Svetlana’s
Neem het Associatieverdrag met Oekraïne, waarmee de Europese nomenclatura en Haagse kringen zondermeer akkoord waren gegaan. ‘Gewoon een handelsverdrag als alle andere’, bagatelliseerde de minister-president de vuistdikke overeenkomst, die 323 pagina’s telde, ex bijlages. Welke politicus of journalist had de moeite genomen dat vuistdikke pak papier door te bladeren, laat staan te doorgronden? Alexander Pechtold, geharnast voorstander, in elk geval niet, zoals-ie ruiterlijk erkende. Wellens wel. En die schrok. Want wat werd gepresenteerd als een handelsverdragje met wat vriendschappelijke woorden toe, bleek na close reading maar op één ding aan te sturen: overnemen van alle EU-wetten om - anders dan Zwitserland en Noorwegen, die ook voldoen aan dit zogeheten ‘aquis’ - zo snel mogelijk kandidaat EU-lid te kunnen worden. Dat wilde Brussel, dat eiste Porosjenko. Begrijp ons niet verkeerd: alle sympathie voor de goedwillende Joeri’s en Svetlana’s op het Maidanplein, maar sinds wanneer beslissen ongekozen Brusselse bureaucraten over uitbreiding van de unie?

Er valt iets voor te zeggen om Poetin te pesten en Oekraïne bij Europa te halen, maar wie garandeert ons dat de drie dozijn oligarchen die het land in het post-communisme plunderden, hun corrupte cultuur zullen afzweren vanwege een verdrag vol schone voornemens? Twee: onze boeren zullen kapot geconcurreerd worden door een land waar men het met de dierenrechten niet nauw neemt. Is er garantie dat men daar in het oosten spoedig gaat bio-boeren? En, o ja, puntje 3: de kronen. De schatkist in Kiev was al bijgevuld met €16 miljard van het IMF en een standby-krediet van €40 miljard stond paraat. Europa zou niets ‘extra’ fourneren, maar dat bleek een kwestie van creatief ‘binnen de begroting’ boekhouden.

En dan was er nog artikel 453 van titel 6 van de Overeenkomst, die stelt dat Oekraïne recht heeft op dezelfde financiële arrangementen als de EU-lidstaten. Betekende dat een blanco cheque die de oligarchen handenwrijvend in ontvangst konden nemen? In plaats van zelf hun huiswerk te doen, spanden veel journalisten en columnisten zich in om critici van het verdrag te labelen als extremisten of querulanten. Hoe vreemd is het eigenlijk dat sommige Nederlanders zich na de dollemansrit met de Hellenen afvragen of we wel in de botsauto naast Porosjenko moeten plaatsnemen? Eerst maar eens de ondoordachte en onverantwoordelijke uitbreiding van de (munt)unie naar failed states in het zuiden, de Balkan en Oost-Europa absorberen. Een pas op de plaats is wel het minste dat gevraagd mag worden. Officieel staat de Europese trein in de remise maar ondertussen dendert-ie door als een TGV. Tot het stootblok.

Plofbankiers en chocoprinsen
Als de camera’s snorden bagatelliseerden de campagne voerende middenpartijen mogelijke nadelen van de Oekraïne-deal, maar binnenskamers klonk men minder zelfverzekerd. ‘Verdomme’, siste D66-woordvoerder Kees Verhoeven in een debatpauze op de plee van een Leidse lokaliteit. ‘Ik heb geen antwoord op alle financiële problemen die Wellens aankaart.’ En wat te denken van VVD-woordvoerder Han ten Broeke die daags na de afstraffing door de kiezer, zo ongeveer toegaf op alle punten. Hulde voor dat voortschrijdende inzicht, maar waarom werden en worden bezorgde burgers die terechte vragen stellen uitgemaakt voor feitenvrije schreeuwlelijkerds?

Enfin, niet gesomberd. Soms is De Macht wel voor rede vatbaar. Dat zagen we gebeuren toen Joseph Stiglitz zich mengde in de discussie over de muntunie. Hoogleraar op Harvard, Nobelprijswinnaar en een liefhebber van ‘het project Europa’. Stiglitz beweerde niets nieuws, maar omdat Hij het zei rukten plots alle serieuze rubrieken uit, van Het Journaal tot Nieuwsuur en Buitenhof. Het heeft iets sneus, dat opportunisme van vooral de tv-media. Wij geloven niet in perskomplotten of partijkartels, fronsen slechts de wenkbrauwen waarom incidentjes en rellen eerder de kolommen halen dan echt belangrijke verhalen. Er zijn talloze artikelen over de eurocrisis geschreven, maar het rumoer rond het laatste Brusselse akkoordje overstemt altijd de achterliggende vraag die al sinds het begin van de crisis maar niet beantwoordt wordt: leuk, die euro, maar levert ’t iets op, behalve een schisma in ons Europa? Laat ABN Amro een ton bonus aan z’n top uitkeren en de tv-prekers struikelen over hun woorden van verontwaardiging, maar sluist een Portugese plofbankier 1 miljard naar zijn rekening op de Kaaimaneilanden dan… niets. Ver weg. Moeilijke naam. Onbegrijpelijk bedrag.

Wellens’ primeur over de €450 miljoen die president Porosjenko via Cyprus en Nederland aan het zicht van de fiscus van zijn vaderland onthoudt, werd tijdens het Oekraïne-referendum vaak aangehaald, maar de grote kranten negeerden dat feit en publiceerden vooral foto’s van de chocoladebaron met zijn meelachende Europese ‘partners’. Waar komt die hapering om de euro te bekritiseren vandaan? Van onze grootouders leerden we het nut van de voortschrijdende Europese samenwerking, het ‘nooit meer oorlog’ en de daaruit voortvloeiende logica van de ‘vredesmunt’. Daar valt veel voor te zeggen. Vandaar dat er tot de financiële crisis van 2008 bijna niemand over de falende muntunie begon. Frits Bolkestein sprak stoere taal over de toetreding van het malafide Griekenland, maar stemde toch maar voor. Gerrit Zalm ging akkoord met een ruilverhouding die de florijn 13% benadeelde ten opzichte van de D-mark, maar de euro stond op zichzelf niet ter discussie. Die was goed. Daar was ieder beschaafd mens voor. Toch?

De prullenbak van de politici
Nu piept, kraakt en schuurt ’t. Zelfs in de stad met de grootste resistentie voor vernieuwing, Den Haag. Onnodig te zeggen dat de eerste druk van dit pamflet instemmend werd begroet door eurokritische partijen. Tot uw dienst, parochianen van de SP, PVV en SGP. Het zou pas nieuws zijn als de nog steeds overheersende middenpartijen tot enige rede zijn te bewegen. Dus deponeerden we ons 72-pagina’s dikke vlugschrift ook in de postvakjes van prominente politici en financieel woordvoerders die ‘het Europese project’ welwillend gade slaan. Wouter Koolmees, financieel specialist van D66, liet monter weten ons betoog ‘een kans te geven’ en ook zijn GroenLinks-collega Jesse Klaver reageerde sportief. ‘Heb genoten van je voorwoord! (..) Je bent erg stellig’. CDA-leider Sybrand van Haersma Buma beloofde onze huisvlijt in te pakken naast zijn zwembroek. ‘Ik lees als christen-democraat graag over het evangelie, dus dat komt goed uit dit zomerreces’.

Buma zou zich in de jaren die volgden stevig laten bijscholen door de doorwrochte EU-criticus Pieter Omtzigt, resulterend in een voor het CDA unieke tegenstem in de Griekse schuldencrisis. Aan de kant van de regeringspartijen reageerde men lauw. Samson, Dijsselbloem en Europarlementariër Paul Tang staan open voor ieder debat, behalve dat over de euro. Bij de VVD ligt het delicater. Sentimenteel willen de liberalen terug naar het overzichtelijke Europa van de Europese Economische Gemeenschap, maar in de praktijk tekenen ze, al dan niet morrend, bij ieder Brussels kruisje. Dat jeukt. Eén van hun parlementariërs nam ons pamflet wel serieus: ‘Ik ben mij kapot geschrokken, hier moeten we het binnenskamers over hebben.’

Deze geachte afgevaardigde sprak niet namens de hele partij-elite, en zeker niet namens Pieter Duisenberg, voorzitter van de Vaste Commissie voor Financiën en zoon van euro-grondlegger Wim Duisenberg. Bij het zien van ons boekje verbeet het Kamerlid zich - ‘die onzin ga ik niet lezen’ - en deponeerde het Evangelie ongelezen in de prullenbak. Zijn fractievoorzitter, Halbe Zijlstra, was iets milder. Hij ontving ons in de rust van zijn gelambriseerde werkkamer. ‘De euro is mislukt en zal over een paar jaar waarschijnlijk niet meer bestaan,’ sprak Zijlstra stellig. ‘Maar zolang een meerderheid op het Binnenhof de feiten niet onder ogen wil zien, modderen we voort’.

Niet lang daarna moest de Tweede Kamer stemmen over een zoveelste steunpakket voor Griekenland. De VVD-fractie had zijn premier naar Brussel gezonden met de opdracht te voorkomen dat er €86 miljard extra naar Athene gegireerd zou worden. Toen Rutte zijn veto weigerde te gebruiken en zwichtte voor de druk van Merkel en Tsipras, gunde Zijlstra zijn fractie de verkiezingsbelofte ‘Geen cent naar de Grieken’ gestand te doen. Slechts één van de 40 leden, Joost Taverne, sprak zich tegen een nieuwe financieringsronde uit. De rest durfde de premier niet af te vallen, voorkwam een kabinetscrisis en behield daarmee en passant de eigen kansen op het pluche in de Haagse baantjescarrousel. Tavernes Alleingang zou anderhalf jaar later afgestraft worden met klassieke machtspolitiek: de VVD schrapte zijn naam van de kieslijst.

Portugese externe schuld en rente. Bij toetreding tot de eurozone daalde de rente (I), kon Portugal buitensporig veel consumptieve leningen afsluiten (II) wat een kredietcrisis veroorzaakte (III) waarna de ECB de rente omlaag moest manipuleren (IV).

Zijn de onheilspellende vooruitzichten van de eerste druk van Het Euro Evangelie uitgekomen? Helaas wel. De eurocrisis lijkt bezworen dankzij het doorrollen van schulden en de kunstmatig door de centrale bankiers gemanipuleerde lage rentes. Ironisch genoeg is de etterende wond die de crisis veroorzaakte, een teveel aan schuld, alleen maar verder ontstoken. Griekenland, Italie, Portugal; sinds de Europese reddingsboeien werden uitgeworpen, zijn ze dieper weggezonken in een rode kredietzee. Toch praten politici over ‘keerpunten’, ‘herstel’ en zelfs overschotten op de begroting. Dat kan allemaal dankzij wat Wellens hierna zal introduceren als ‘De Grote Verliesverberger’. De schuld is er wel, maar je ziet ’m niet. Bijvoorbeeld omdat slechte leningen werden opgekocht door een van de Europese noodfondsen, aangevoerd door het European Stability Mechanism.

Of wat te denken van Mario Draghi’s quantative easing, een opkoopspel waarvan te betwisten valt of de Europese Centrale Bank z’n mandaat niet overschreidt. Op de ECB-balans prijkt deze zomer vierenhalfduizend miljard euro, van zuideuropese staatsleningen tot goedkope kredieten aan bedrijven die dat helemaal niet verdienen. Financiële hocus pocus die voor het gewone volk en eenvoudige politici lastig te ontwarren is, maar er onvermijdelijk op neerkomt dat Nederland een flink deel van de Zuideuropese schuld op het bord geschoven krijgt. Herinnert u zich daar een Kamerdebat over? Griekenland, slechts twee procent van de eurozone, zal een vingeroefening blijken voor de finale: het nakende failliet van Italië.

Over dat soort feitjes hoort herkiesbare politici minder. Die bluffen liever over overschotten en meevallers op de begroting. Of storten zich op debatjes of de koopkracht nu wel of niet met één procenpunt toeneemt ‘dankzij het kabinetsbeleid’. Ter vergelijking: de Eurocrisis zal Nederland uiteindelijk honderden miljarden kosten, waarbij 40 mille per hoofd van de bevolking geen irreële schatting is. Tel mee, Sybrand, Jesse en Lodewijk… dat is 104 jaar (!) eigen risico in de zorg.

‘Sorry jongens, zo werkt Den Haag’
Deze tweede editie van het Euro Evangelie is flink aangekomen, maar wenst nog steeds geen boek maar een activistisch pamflet te heten over het rücksichtslose idealisme achter het ‘Project Europa’. Er is in de 32 maanden sinds de eerste druk veel gebeurd. Vooral meer van hetzelfde: politici die tijd proberen te kopen door de oplopende schuldenlast eindeloos en renteloos voor zich uit te duwen. Waren er tijdens de eerste bail out-rondes al veel handige jongens die direct of indirect Europees steungeld naar hun offshore accounts sluisten, de autoriteiten hebben tot onze verbazing nog steeds weinig ondernomen om die belastingcenten te repatriëren en de heren te straffen. Dat is wat ons drijft, dát is onze drijfveer: oprechte verontwaardiging dat daders en slachtoffers door elkaar worden gehaald.

Wellens noch ik ambiëren enig baantje. We willen Europa eerder redden dan opblazen en verkiezen kosmopolitisme boven benepen nationalisme. Eigenlijk is onze ambitie beperkt: het eerlijke verhaal over de euro. Is dat teveel gevraagd aan de parlementariërs van de grootste nettobetaler van de Unie? Vandaar ook dat we ons schaarden achter het Burgerinitiatief om een parlementaire enquête naar de euro (Peuro) te starten. Basale vragen als ‘waarom ging het mis?’, ‘hoeveel mag het kosten?’ en ‘hoe nu verder?’. Gerechtvaardigde zorgen namens minstens vijfenveertigduizend landgenoten. Helaas kenden we al voor de presentatie in het parlement het antwoord van de politiek: de oude grote partijen hebben ‘geen behoefte aan een onderzoek (…) er zit te veel politiek kapitaal in de munt’.

Of zoals een prominent politicus ons toefluisterde: ‘Die enquête komt er heus, maar pas over een paar jaar, als het te laat is. Sorry jongens, zo werkt dat in Den Haag.’ Zelfs eurosceptici zullen erkennen dat meer Europese samenwerking en één gemeenschappelijk munt tot meer handel kunnen leiden. Kunnen. De Verenigde Staten van Europa, die federale droom der Eurofielen, heeft wellicht voordelen. Dat sommetje willen we weleens zien. Het Centraal Planbureau becijferde in haar rapport Europa in crisis in 2011 het jaarlijkse voordeel dat de Nederlander geniet van Europa op ‘een weeksalaris’. Door de statuur van het CPB leek dat een feit. Behalve voor wie de kleine lettertjes nalas: dat florissante cijfer bleek gebaseerd op data uit 2005, vóór de crisis, dus waardeloos. Later gaf ex-CPB-directeur Coen Teulings toe dat het sowieso natte vingerwerk was. Ofwel, minder economie dan ideologie.

Teulings is een enthousiaste Europeaan. Maar ook al klopt zijn stelling dat de nieuw toegetreden EU-landen ons land ‘25 tot 30 miljard exportgroei’ per jaar opleveren, het blijft voodoo-economics hoe die massa komkommers, vleesbiggen en pakken magere melk tot ‘vele honderden miljarden’ extra welvaart leiden. ‘De Nederlandse bijdrage aan de EU en de kosten van financiële hulp vallen daarbij in het niet’, aldus Teulings in een NRC opinie-artikel dat hij samen met oud-minister Hans Wijers publiceerde. Hoopgevende woorden van de wetenschapper en de industrieel, maar waar baseren de heren al die wijsheid op? Vergelijken ze geen zoete druiven uit het zuiden met zure appels uit het noorden?

Zeker, Nederland heeft een imposant overschot op de lopende rekening, maar de export van groente en zuivel levert beperkte toegevoegde waarde op, waar een afgeschreven lening tot de laatste cent verlies betekent. De Minister van Financiën prijst dat risico in de Miljoenennota op €153,7 miljard. Een conservatieve schatting, vrezen wij, want het ECB-risico valt hier nog buiten en er wordt van uitgegaan dat Zuid-Europa z’n leningen terugbetaalt. Maar zelfs door een roze bril staat er een som op de roulette ter grootte van een jaar directe belastinginkomsten voor de Nederlandse schatkist. Serious shit, die luchtig genegeerd wordt.

Jamie O. en de Brexit
Je zou de eurofielen graag gelijk geven: vergeet de cijfers, laten we het over idealen hebben! Maar toen was daar de Brexit en greep men ineens geëmotioneerd naar de calculators. Hoeveel zou zo’n breuk met Britten wel niet gaan kosten? Het CPB publiceerde vlak voor de volksraadpleging een somber rapport. ‘Brexit kost Nederland €10 miljard’. En met de Engelse economie zou het nog slechter aflopen, vergelijkbaar met een sprong in het duister van de witte kliffen van Dover. De afloop is bekend: het viel mee, vooralsnog. Op een devaluatie van het pond na die valuta-experts al tijden profeteerden en een correctie van de nog steeds oververhitte Londense huizenmarkt.

Ieder tegenvallertje in het VK kan sindsdien afgeboekt worden met een boze blik naar de Brexiteers. Zo voelde Unilever zich gedwongen de prijs van Marmite te verhogen door ‘de Brexit’, hoewel er in die ontbijtpasta louter Engelse ingrediënten zitten. En Jamie Oliver had een mooie zondebok gevonden om zijn slecht lopende restaurants te kunnen sluiten. Waarmee ons pleidooi alleen maar urgenter wordt: stop de hysterie, start met nadenken. Wat gaat-ie kosten, die eurocrisis? Volgens Jan Kees de Jager, de minister die de eerste stortingen naar Athene deed, zouden we er aan verdienen ‘met rente’. Zoals met ING en Aegon. Honderden miljarden noodsteun later weten we beter. Griekenland ‘leende’ €333 miljard van andere overheden en zit nu met een schuldquote van 179% dieper in de problemen dan ooit, maar Draghi en Dijsselbloem poetsen dat probleem weg met aflossingsvrije leningen zonder rente.

Doet een bedrijf zoiets, boekt de belastingdienst dat in als een afboeking op het eigen vermogen. Politici kunnen zich onttrekken aan die boekhoudkundige prudentie. Geen noordelijke politicus zal het toegeven, maar die leningen zijn we grotendeels kwijt. Neveneffect: de lage rente is leuk voor de schatkistbewaarders, maar het Nederlandse pensioenvermogen verdampt. Vraag maar aan Henk Krol: als slager Draghi in zicht is, staakt de Hollandse kip met z’n gouden eieren zijn getokkel. De ‘transfer union’, zoals de geldstroom van noord naar zuid heet, zal onze koude streken welvaart kosten. Maar levert het de Mediterrane landen ook winst op? Een blik op werkelijke krachtsverhoudingen binnen de Eurozone levert een ontnuchterende conclusie.

Duitsland en Nederland zouden respectievelijk 34% en 15% duurder moeten worden en Griekenland en Italië zijn 21% en 14% overgewaardeerd. Ofwel, een wisselkoers-aanpassing van zo’n dertig tot vijftig procent is nodig. Dat kan niet binnen deze euro en dus komen er nieuwe reddingsoperaties voor Zuid-Europa.

Niet presterende leningen
Schuld. Zullen we het daar eens over hebben? Sinds de renteknop in Tokio, New York en Frankfurt naar nul is gedraaid, vinden veel politici en economen uitgavenbeperking benepen gedoe. Zij praten liever over ‘investeringen’, ofwel: het opvoeren van de uitgaven. Economisch kan dat kloppen, maar vier decennia obsessief ‘bezuinigen’ heeft de Westerse economieën opgezadeld met imposante schulden. Het Institute of International Finance komt in haar Global Debt Monitor tot de conclusie dat de private- en publieke schuld op is gelopen tot 335% van de wereldeconomie. Alleen al overheden staan voor $60.000 miljard in het rood, waarvan het merendeel in de VS en Europa. En de teller loopt door.

Stel de rente kruipt naar het niveau waar de fiscus uw vermogen op afroomt: 4%. Dat zou fataal zijn, gezien de omvang van de schuld van de eurolanden die nu al gemiddeld 110% van hun bbp is. Voor zulke landen - niet alleen de Grieken en Portugezen, ook Italië, Frankrijk en Belgie kwalificeren voor het strafbankje - lijkt de 60% waar het Stabiliteitspact een even vroom als onbereikbaar streven. Harvard-economen Reinhart en Rogoff kwamen in een studie tot de slotsom dat landen met een gemiddelde groei onder de 2% en meer dan 90% staatsschuld, gedoemd zijn. Daar komt nog eens bij dat de kwaliteit van veel schuld belabberd is. Een op zes van de Italiaanse leningen geldt als non performing, in Ierland is het één op vier en Cyprus presteerde het om meer oninbare vorderingen uit te hebben staan dan de omvang van de economie.

De European Banking Association categoriseert duizend miljard aan leningen als ‘non performing’. Korrtom, afboeken en wonden likken. Geen politicus neemt dat voor zijn rekening, want het zou papieren schuld transformeren in zichtbare verarming en dus spaarders, beleggers en andere kiezers tot razernij drijven. Maar geen nood, daar is-ie weer, de verliesverberger! Technisch failliete banken - zie Monte dei Paschi - en zelfs hele landen - Cyprus, Griekenland - zijn geherkapitaliseerd, wat er op neerkomt dat hun schulden als het allemaal mis gaat worden ‘gemutualiseerd’. Lees: op ons aller ECB-balans of ESM-rekening landen. Zo heeft de ECB in korte tijd al een kwart van de Zuideuropese schuld naar zich toe getrokken.

Sterkte, belastingbetaler, want Nederland doet voor 5,7% mee in de Eurozone. En als er een default komt van een land, niet ondenkbaar, is er ook nog een miljardenprobleempje via de ECB met ‘Target2’ (tikje technisch, zie daarover Wellens op p83). De minister van financiën mag trots op zijn koffertje roffelen, indirect is de staatsschuld door de koppelingen binnen de Eurozone met tientallen miljarden gezwollen. Economen zijn altijd voorstanders van schuld afboeken. Als de pijn is genomen kan de motor weer draaien. Euro-optimist Guy Verhofstadt voorspelde jaren geleden al een afboeking van €2.500 miljard. De consultants van de Boston Consulting Group kwamen op oninbare leningen ten bedrage van € 6,15 biljard. Voor het Koninkrijk der Nederlanden zou dat een afboeking van €140 tot €720 miljard betekenen. Pittig. En dat is het best case scenario, want de cijfers dateren van 2010, toen de schuld een stuk lager was.

De paradox van de eurocrisis is dat de bedragen zó groot en de uitkomsten zó ongewis zijn, dat geen politicus er nog een serieus punt van maakt. Of zoals Ronald Reagan ooit vragen over het groeiende Amerikaanse tekort pareerde: ‘The deficit is so big now, it can take care of itself.’ Toch zal die schuld, hoe virtueel en surrealistisch ook, afgelost of kwijtgescholden moeten worden. Aangezien geen enkele economie de uitstaande bedragen kan ophoesten, blijft kwijtschelden als enige optie over. De Aziatische en Arabische sponsoren op de achtergrond zullen in dat geval hun zekerheiden inroepen. De Nederlandse minister van Financiën zal - als Peking en Doha dat wensen - binnen één week €140 miljard moeten fourneren. Dat zijn de afspraken in het verdrag.

Het zal de agent van financiën stellig lukken krediet voor de staat aan te trekken, maar de vraag is waar dit spel eindigt. Volgens sommige cynici sturen de met schulden overladen Westerse landen aan op geldontwaarding - zie het beleid van de ECB – of zelfs een Big Reset: een schuldsanering op wereldschaal, waarbij de kapitalistische kaarten opnieuw geschud worden. Voor calvinisten klinkt het curieus, maar zo’n faillissement kan ook een zegen zijn. Zoals malafide ondernemers een plof-BV inzetten om schuldeisers af te schudden. Uniek is het niet. Een handvol staten is nog nooit failliet gegaan, en daarvan is Nederland er één. Spanje hoort daar niet toe. Dat land ging al dertien keer bankroet. Rusland: vijf keer. Duitsland: twee keer. Frankrijk ging maar liefst acht keer op de fles, waarna de republiek, bevrijd van haar lasten opkrabbelde en wederom hautain het ’Vive la France!’ klonk. Probeer dat een Zweed, een Zwitser of een Singaporees maar eens uit te leggen.

‘Vlad, doe eens normaal man!’
Solidair klinkt het wel, dat steile noordelingen noodruftige zuiderlingen steunen. Todat we Wellens speurwerk lezen naar de werkelijk gereddenen. Was dat maar de gewone werkende man in Athene, Vilnius of Milaan. Sleurde de instortende IJslandse banksector tenminste nog zijn (rijke) aandeelhouders mee, de herkapitalisatie van de Europese banken is terechtgekomen bij grootaandeelhouders voor wie men geen Giro 555-actie zou starten. Zo stuitte Wellens tijdens zijn speurwerk door aandeelhoudersregisters op de bankierende broers van de heren Poetin en Berlusconi, op eigenaren van casino’s in Las Vegas en op Griekse miljardairsfamilies die hun centen al jaren in Zwitserland stallen. Die laatste, Spiros Latsis, is gelukkig wel zo sportief zijn studiemaat José Manuel Barroso zomers te onthalen op zijn jacht.

Latsis is helaas geen uitzondering. Aan de andere kant van de Middellands Zee resideert Ricardo Espírito Santo, eigenaar van de naar hem genoemde Portugese banco. Vlak voordat zijn familiebank omkukelde, sluiste mijnheer de bankdirecteur via Luxemburgse en Zwitserse vennootschappen 1 miljard euro naar de Kaaimaneilanden. Een andere Portugese bankier vroeg kort voor de ondergang een scheiding aan, zodat de rekening van de Braziliaanse b-actrice waarmee hij de echtelijke sponde deelde, gevuld werden met tweehonderd miljoen euro. Fair enough. En wat te denken van de premier van Moldavië, Vlad Filat, die grijnzend op de foto met EU-voorzitter Van Rompuy stond, maar later ontmaskerd werd als witwasser die maar liefst €900 miljoen van zijn volk stal. Wat zou onze premier, die privé nog geen waterige Rioja zou declareren, zeggen van zulk gedrag van een ambtsgenoot: Vlad, doe eens normaal man? Zijn wij te cynisch of zij te naiëf?

Na een tv-opname vroeg ik Jesse Klaver eens hoe hij een tegenvaller van tweehonderd miljard door de eurocrisis wilde betalen. De schrijver van een traktaat tegen het ‘economisme’ wist kordaat raad: ‘Desnoods moet dat maar uit de pensioenreserves.’ D66’er Koolmees, ex-ambtenaar van financien, voegt de tegenvallers uit het europroject onder de noemer ‘collateral damage’. Klein bier in het grotere geheel van de Europese gedachte. Wellicht heeft hij gelijk, op termijn. Maar voorlopig blijven wij lastige vragen stellen. Bijvoorbeeld over het Letse bankwezen, dat bij nader inzien een grote witwasserij van fout Russisch geld bleek. Europa schoot te hulp met €7,5 miljard steun voor een land waar een grootbank adverteerde met de slogan ‘Letland, net iets dichterbij dan Zwitserland’.

Zo lang Europa ‘solidair’ is met corrupte culturen, blijft het schuren bij de noordelijke buren. Onze staatssecretaris van financien is trots op zijn kliklijn voor fiscale fraudeurs, maar vraagt hij ook aan zijn collega’s in Europa hoe ze fraude denken op te lossen? De Zuid-Europese economieën draaien voor ongeveer een kwart op zwart geld, met uitschieters bezuiden Rome en Madrid. Op het hoogtepunt van de eurocrisis dierf de Spaanse schatkist zo’n € 85 miljard belastinginkomsten per jaar, de Italiaanse zelfs meer dan het dubbele. En als de Italiaanse elite z’n geld stalt in Zwitserland, waarom zou de middenklasse dan wél betalen? Laat staan wij… Misschien een idee voor de Eurogroep daar eens achteraan te gaan? Enfin, zo kunnen we politici en bankiers nog wel wat andere dilemma’s over Europa, de unie en de munt voorleggen. De Scandinaviërs maakten, op de Finnen na, de fortuinlijke keuze wel aan de interne markt maar niet aan de munt mee te doen. Voor ons de vraag: erin of eruit, en wat kost dat dan? Het woord is aan A. Wellens.

Jort Kelder Amsterdam, 7 februari 2017

Het Euro Evangelie bestellen doet u hier. U koopt de papieren versie voor € 10 of u downloadt de digitale versie en doet een gift naar keuze. Onderzoeksjournalistiek is niet gratis of makkelijk, helemaal niet als we in de schaduwboekhouding van types als Putin zijn bankierende neef proberen te wroeten, om maar een voorbeeld te noemen. Kunt u wegens omstandigheden geen gift missen dan krijgt u Het Euro Evangelie cadeau.