Gilead vraagt $ 55.000 voor honderd pillen en ontwijkt $ 10 miljard aan belasting

Ondertussen in medicijnenland. Gilead uit de VS maakt medicijnen tegen Hepatitis-C en HIV maar die zijn krankzinnig duur. Een behandeling met Sofosbuvir (dat is een naam die door marketeers is bedacht, heeft niks met de medische wetenschap te maken) kost al snel € 50.000 per patiënt en dat is best wel veel. Artsen Zonder Grenzen wil dat de EU de octrooien laat aflopen, zodat het medicijn kan worden nagemaakt tegen een lagere prijs. 

Het argument van de industrie vóór octrooien (en daarmee winsten die hoger zijn dan nodig) is dat medicijnfabrikanten investeren in onderzoek, oftewel Research & Development (R&D). Zonder witte jassen in laboratoria zijn er geen medicijnen, dus die investering moet beschermd worden. Maar klopt dat ook? Om Hepatitis-C te behandelen verkoopt Gilead een kuur van honderd pilletjes die tezamen € 55.000 kosten. Is dat niet een beetje gortig? Lijkt het wel op.

Uit de jaarrekening van Gilead blijkt iets bijzonders. De nettowinst is half zo hoog als de omzet. Dat kunnen we een gezonde winstmarge noemen. In een goed functionerende markt daalt de winst van de ondernemer naar nul, waardoor innovatie zorgt voor lagere consumentenprijzen. In de pillendraaierij lukt dat maar niet, getuige de cijfers van deze club uit Californië

De omzet van Gilead is dankzij deze peperdure pillen in slechts een paar jaar verdrievoudigd, maar omdat beleggers hoopten op nóg meer omzet en winst, stelt de koers teleur. De omzet uit Sofosbuvir is $ 2 miljard lager dan gedacht. Bummer!

Hoe zit dat nu met die R&D? De omzet van een pil dekt een paar posten. Ten eerste is er Cost of Good Sold (COGS), zijnde alle offers die getroost zijn om het product fysiek te maken. Het gaat dat om de grondstoffen van de pillen en de distributie. Dit bedrag is laag, omdat pillen altijd klein zijn. Het is de kunst om te bepalen wat een patiënt beter maakt. SGA is Selling, General & Administrative en omvat alle kosten die gemaakt zijn om het bedrijf te laten draaien. Vervolgens is er geld over om onderzoek te doen (R&D) en uit het verschil tussen omzet en kosten ontstaat winst die belast kan worden (Tax).

Van de omzet betaalt Gilead typisch minder dan een zesde aan R&D, al lijkt daar een stijgende lijn in te zitten. De nettowinst is over meerdere jaren ongeveer gelijk aan alle andere kosten opgeteld, wat zelfs voor de farmaceutische industrie veel is. 

Sterker nog, van de $ 88 miljard die Gilead de afgelopen drie jaar aan omzet kende, is de opgetelde nettowinst nagenoeg precies de helft, $ 43,7 miljard. Aan R&D werd slechts $ 12,1 miljard uitgegeven.

Dus, waarom zijn pillen zo duur? Omdat de fabrikanten een ziek hoge winstmarge hebben, aangezien ze in een markt opereren die zo complex is dat er geen sprake van fatsoenlijke marktwerking kan zijn. Dat blijkt hier maar. 

Merk trouwens op dat de verhouding tussen winst na belasting en belasting zelf dusdanig is dat Gilead een belastingdruk kent van 20 procent. Dat is fors lager dan het officiële percentage van 35 procent dat de VS kennen. Zo worden overheden dubbel gepakt door Gilead: eerst betalen ze de hoofdprijs voor de pillen maar kunnen ze niet volledig belasting heffen over de winst. Gilead zit in de hoek waar de klappen vallen, dat snapt u.