Échte journalist aan de bak bij 925

Dag beste 925-lezer,

Mijn naam is Zuhoor al-Qaisi en ik ben 28 jaar oud. In 2011 studeerde ik af als journalist en daarna heb ik bij een krant meerdere functies gehad. Om als Iraakse jonge vrouw (ik kom uit Tikrit) als journalist te werken gaf mij veel problemen, met mijn baan en mijn familie. In een samenleving gebaseerd op de macht van de man en allerlei milities die alles controleren is dat helemaal zo. De situatie in Irak is nu helemaal slecht. Buitenlandse machten voeren oorlog op het grondgebied van het land, eigenlijk staat het land onder politieke controle van Iran. Tel daarbij op dat delen van Irak van bezet zijn door ISIS.

Op 27 september 2015 verliet ik mijn moederland, in eerste instantie omdat ISIS mijn woonplaats bezette. Dat was 28 juni 2014. Het tegenoffensief zag ik in eerste instantie als goed nieuws, totdat bleek dat het niet om het leger maar om sjiitiesche milities ging. Eerst terug naar de aanval van ISIS. Het betekende letterlijk dat ik van het ene op het andere moment mijn huis moest verlaten. Mijn neiging was in eerste instantie om te blijven staan waar ik stond en te vechten, maar mijn moeder besloot dat Tikrit niet veilig was en ik moest vertrekken, en wel naar Erbil in het Noorden: vooral ook omdat ik journalist ben en mijn twee broers bij het leger en de politie werken.

Ik vertrok ‘s nachts, met de auto, met letterlijk niets anders dan mijn make-up. Het was verstandiger geweest om de gezichtsbedekkende Nikaab te dragen maar dat deed ik om verschillende redenen niet. Ten eerste is het verschrikkelijk om doorheen te ademen, maar iets in mij stond het tegen om me aan de regels van ISIS te houden, die zelfs verder gaan dan de Koran.  Mijn buurman in Tikrit is een vriend van de familie en rijdt een taxi, hij reed me naar Erbil. Gedurende de gevechten kon het territorium van ISIS onderscheiden worden dankzij de checkpoints bewapend met militanten, maar ook letterlijk de berg uitgebrande Humvees van het vluchtende Iraakse leger langs de weg. Achteraf voel ik me er slecht bij dat ik het risico tijdens de rit niet heb verminderd door toen wel een nikaab te dragen, maar nu heb ik tenminste iets van verzet gepleegd.

Hoewel Erbil toen niet door ISIS was bezet, was het niet zo makkelijk om daar te komen als het lijkt. De Koerdische strijders lieten me er alleen maar door omdat ik in Dayala ben geboren. Dat is een deel van Irak dat de Koerden graag in hun Koerdistan willen opnemen, ook al ben ik zelf Arabisch. En ook in Erbil was het leven niet makkelijk, omdat vluchtelingen uit andere gebieden van Irak in kelders en garages moesten leven, tegen enorme huren. De Koerdische autoriteiten geven een visum af voor drie maanden dat steeds vernieuwd moet worden. Toen ISIS zich terugtrok uit Tikrit werd ik dan ook gedwongen om Erbil te verlaten. Tirkrit was allleen niet veilig voor mij: de sjiitische milities waren gewelddadig, ze kidnappen en misbruiken de lokale bevolking seksueel.

Mijn jongere zus is in Tikrit gebleven en hoewel ze voor ingenieur studeert, verlaat ze het huis letterlijk niet, het kan niet. Ze blijft altijd binnen en slaapt alleen maar, haar leven is letterlijk over. Ik zou niet kunnen negeren wat de milities aanrichten maar dat zou letterlijk mijn einde beteken, dat was duidelijk. Toen besloot ik naar Europa te gaan. Ik kocht een busticket naar Istanbul, op 29 september 2015, toen begon het avontuur aangezien ik alleen was. Onderweg gebeurden er nare dingen dus ik kon niet in een diepe slaap vallen. In Istanbul ontmoette ik een smokkelaar die ik € 1.500 moest betalen. In een krap busje werd ik naar Çanakkale gebracht, dicht bij het eiland Lesbos. Een oversteek kon niet elke dag worden gemaakt, dus de stranden stonden vol met mensen.

De smokkelaars vertelden ons dat we niet konden praten, vuur maken of roken, om geen aandacht te trekken. We vertrokken om negen uur ‘s avonds met iets minder dan veertig mensen, waarvan iets minder dan de helft jongeren waren. Omdat de bestuurder van de boot niet de slimste was en een verkeerde route nam, raakten we halverwege door de benzine heen. Terwijl we water maakten stonden we stil. Uiteindelijk was het de Griekse kustwacht die ons heeft gered, het waren aardige mannen. En brede, indrukwekkende mannen mag ik toevoegen.

Het eerste wat ik in Griekenland deed was een SIM-kaart kopen om mijn moeder te bellen, zodat ik haar kon laten weten dat ik het had gehaald. Er waren mensen van Team Humanity aanwezig die zorgden voor eten, of gewoon ons onze telefoon lieten opladen. Per ferry gingen we naar Athene en toen naar de grens met Macedonië. Het leger zorgde voor treintransport naar Servië. Toen Hongarije de grens sloot, ben ik door Kroatië en Slovenië gaan lopen.

Uiteindelijk kwam ik in Oostenrijk aan waar iedereen bijzonder aardig en behulpzaam was, de mensen maar de soldaten ook. Duitsland vond ik iets minder, daar kwamen mensen gezondsheidscontroles doen op mijn oren en de binnenkanten van ellebogen en oksels. Het  was hun goed recht natuurlijk maar het gaf me het gevoel dat ik vee was. Uiteindelijk bereikte ik Nederland, mijn doel. Ik kende het land van de TV en het had een erg goede reputatie, met veel persoonlijke vrijheid. Ik kwam op 3 november 2015 in Ter Apel aan. Ik ben naar verschillende opvangplekken gegaan en begin juli 2016 hoorde ik dat ik een status kreeg.

AZC’s zijn geen hemel op aarde, je zit ver weg van alles en er is niets te doen. Op 2 oktober 2016 ging ik naar de COOP in Vledder om wat eten te kopen waarbij ik langs twee loslopende honden liep, in een smal steegje. Het waren twee Duitse herders. Een sprong tegen het hek op waarna ik schrok en viel, Daarbij brak ik een bot in mijn voet. De eigenaar van de honden liep ermee naar binnen en bleef enkel vanachter een gordijn kijken wat er buiten gebeurde. Een andere vrouw hielp me en een dag later bracht iemand van het COA me naar een dokter.

Volgens hem was er niets gebroken, dus ik kreeg geen gips. Dat was het wel dus toen mijn voet paars aanliep kreeg ik wel een scan. Op 16 oktober 2016 kreeg ik wel de benodigde behandeling en eind november 2016 ging ik naar Sneek. Daar was sprake van een incident met een mannelijke asielzoeker, waarna ik werd overgeplaatst naar Amsterdam.

Daar woon ik nog steeds maar ik mag niet nog werken. Het UWV zegt dat ik me moet voorbereiden op schoonmaakwerk en niets anders. Maar ik heb journalistiek gestudeerd aan de universiteit dus ik wil meer. Ik wil graag een goede journalist en onafhankelijke vrouw worden in dit land.

Ik ben er optimistisch over dat ik ga slagen, voor na al het vertrouwen en de liefde die ik van de mensen in dit mooie land tot nu toe heb mogen ontvangen.

[Naschrift AW. Er zijn van die dagen dat je naar de publieke omroep zit te kijken en langs dit item bij Nieuwsuur komt (specifiek 2:32). U bent te ongeduldig om het zelf helemaal te kijken? Dacht ik al. Prima, screenshot. 

Dan zit er maar een ding op: kijken hoe ze over derivaten, muntunies en kamerplanten denkt. Bij het eerste gesprek was ze meteen enthousiast. Hoewel er nog een paar praktische dingetjes (zoals taal en wel mogen werken) geregeld moeten worden, zou niets haar in de laatste zin uitgesproken wens in de weg moeten zitten.
Daarom zult u de komende tijd haar volgende pennevruchten op deze site mogen lezen. U wel. De Blauwe Engel op de Zuidas kent ze al (bewijs rechts ingevoegd), maar daarmee is ze er nog niet. We gaan haar de komende weken op de rails zetten, met alle toeters en bellen die bij een moderne journalist horen. Volgt u hoor social media, schroomt u straks niet contact met haar op te nemen voor vragen, commentaar, praatjes of wat u ook maar bedenkt. Aanschieten in De Bengel mag natuurlijk ook. Wordt vervolgd.]