Ja! D66’er Vincent van den Bosch (‘Poolse modellen’, ‘Audi-van-je-weet-wel-wie’) komt terug!

Beter kan een maandagochtend niet beginnen. Vers in de inbox, meerdere klagende D66’ers en anderen die niet zo blij zijn met politieke wederopstanding van hun eigen Vincent van den Bosch, de Steenbergse wethouder die ‘Poolse modelletjes enkel test op contactuele eigenschappen met buitenlanders’, die net als ‘gemeente-collega’s’ meerdere Audi’s heeft gekregen van ‘je-weet-wel-wie’, EU-subsidies regelt voor Centraal- en Oost-Europese (CEE) aanvragers, zelf nog wat gaten heeft en als klap op de vuurpijl journalisten intimideert als het hem allemaal teveel wordt. Pakt u de lunchbox er maar bij, dit wordt geen lichte kost en kort houden lukt echt niet. Maar dan weet u straks wel hoe D66 rolt en waarschijnlijk tovert Van den Bosch een glimlach op uw gezicht, met al zijn wonderbaarlijke strapatsen. Of een grimas. Whatever.

Subsidie-consultancy
Het dossier ‘mooie dorpsgek’ hadden we eind 2015 al kunnen afsluiten. Van den Bosch ging uit zijn plaat tegen een lokale journalist en daar hebben we allemaal van mogen meegenieten (een, twee, drie). Reden voor ons om eens in zijn persoonlijke financiën te duiken en dat was de moeite waard. In november van dat jaar mocht hij zijn bureau op het stadshuis leegruimen door de incidenten en zat hij thuis. Maar D66 beloont trouwheid, dus Van den Bosch mag weer terugkeren als beroepspoliticus. Dat is voor een of meerdere van zijn partijleden reden om op te stappen, gaat u ongetwijfeld meer over horen. Het is het makkelijkst om het allemaal chronologisch te doen. Van den Bosch werkt sinds de jaren ’90 bij PNO Group, dat bedrijven helpt om Europese subsidies aan te vragen. ‘Subsidie-consultancy’ heet dat.

PNO Group doet dat voor Nederlandse bedrijven, maar heeft in zes landen in het CEE-gebied vennootschappen die lokale aanvragen voor subsidie van de Europese commissie ondersteunen, met deze namen om precies te zijn. Dit overzichtje komt uit de uitspraak in een rechtszaak tegen onder meer hem, dat zal blijken: overal opklikken voor groot, u kent het. 

In 2010 besluit PNO Group dat de managers van deze afdelingen de CEE-activiteiten mogen overkopen. Van den Bosch is daar een van, hem vinden we dan vooral in Polen, om subsidies te regelen. In 2006 wordt hij ook partijleider van D66 in zijn woonplaats en in 2012 heeft hij het al over ‘gemeente-collega’s, terwijl hij volgens zijn eigen LinkedIn pas twee jaar later wethouder wordt. Daar komen we ook later op.

'Je-weet-wel-wie'
Van den Bosch krijgt in en voor 2012 ‘vier-ringen’ met Pools kenteken van ‘je-weet-wel-wie’ en hij heeft meerdere Audi’s op zijn naam staan, blijkens zijn eigen Facebook.

In Polen helpt hij dan dus Europese subsidies aan te vragen, maar dat gaat niet zo goed. De CEE-activiteiten van PNO Group worden apart gezet in - u raadt het al - PNO CEE en volgens het handelsregister is Van den Bosch een van de managers die met deze buyout meedoen. Op zich is dat niet zo’n bijzondere constructie, maar in dit geval gaat het mis. Dat heeft twee oorzaken. PNO Group en spin-off PNO CEE spreken af welke diensten beide partijen waar mogen aanbieden, om te voorkomen dat de twee elkaar gaan kannibaliseren. De logica daarvan zit hem erin dat de managers van PNO CEE met hun persoonlijke holding een lening aangaan van € 1,5 miljoen, teneinde de buyout te financieren. Van den Bosch is een van hen.

Dat krediet komt weer bij PNO Group zelf vandaan, die daarmee de Alleingang van zijn eigen voormalige personeelsleden mogelijk maakt: alstublieft dankuwel. Daarom wordt er een ‘shareholder agreement’ opgesteld die uitsluit dat PNO CEE diensten van PNO Group aanbiedt in de thuishaven van de laatste. PNO CEE moet subsidies bij de Europese commissie lostrekken voor Oost-Europeanen en meer niet. Helder toch? Inderdaad.

Op 16 mei 2011 breekt PNO CEE de afspraken echter, door in het geniep een nieuwe vennootschap op te richten met de naam ‘Green Mulberry’, groene braam. Deze onderneemt activiteiten die volgens de genoemde ‘shareholder agreement’ verboden zijn. PNO Group ontdekt dat pas in december van dat jaar en vraagt Van den Bosch en zijn vrienden om opheldering. PNO Group heeft als onderdeel van de buyout immers een belang van 25 procent in het kapitaal van PNO CEE en daarmee ook een commissaris. Van den Bosch en de andere managers weigeren echter bijna een jaar lang om een volledige jaarrekening, inclusief kasstroomoverzicht, in te leveren.

Management fee
Een van de pijnpunten zit hem in de hoogte van de opgevoerde kosten en de management fee. Hoe hoger deze is, hoe prettiger voor Van den Bosch en zijn vrienden maar dat gaat wel ten koste van PNO Group. Dat is dus precies het bedrijf van wie de managers de mogelijkheid kregen om zich te ontplooien, als dank volgt er een schending van de afspraken. Een van de pijnpunten zit hem in de post ‘kosten van de verkoop’. Op 11 juni 2012 vraagt PNO Group om een uitleg van deze kosten, € 1.275.063,00 groot. Een antwoord blijft uit, maar op 5 augustus 2012 sturen Van den Bosch en de anderen een mailtje naar PNO Group waarin de post wel is gedaald naar € 1.072.883,00, al blijft een onderbouwing uit. Het gaat om materiële bedragen, want in 2012 bijvoorbeeld was het verlies van PNO CEE € 80.086,00.

Van den Bosch et al. hebben nog een steentje in hun schoen. Europese subsidies zijn erg cyclisch. Een nieuwe Europese commissie zal zich namelijk willen profileren door in het begin afspraken neer te leggen die de hele bestuursperiode omvatten. Een bekend voorbeeld is Turkije: daarvan werd in 2014 nog gezegd dat het lid van de EU moest worden. Daarom kreeg het in dat jaar een subsidie van € 4,5 miljard, uit te smeren over de volgende vijf jaar, teneinde snel aan de vereisten voor lidmaatschap te kunnen voldoen.

Daarom is het kennelijk zo dat er sprake is van een cyclisch effect in de subsidie-industrie. Als er een nieuwe commissie komt, kunnen er in het begin forse bonussen worden gepakt op verse subsidies maar die stroom droogt op. In 2014 trad de commissie van Barroso af, dus Van den Bosch en zijn collega’s hoopten dat de tegenvallende cijfers dan goedgemaakt konden worden. Onder meer door de hoge management fee en de onduidelijke, maar extreem hoge kosten van de verkoop wordt in 2013 duidelijk dat dat hem niet gaat worden. In dat jaar bedroeg het verlies immers € 1.348.431,00. Dat betekent dat het complete bedrag van de lening om de buyout mogelijk te maken, in een enkel jaar door het afvoerputje verdwijnt. In het jaar erop is het balanstotaal nog maar half zo groot als het verlies van 2013, dus dit is duidelijk een aflopende zaak.

Poolse modellen
Dat verklaart ook waarom Van den Bosch et al. het contract met hun voormalige broodheer hebben geschonden: het was pure noodzaak om tegen de afspraken in in de vijver van PNO Group te vissen. Daar is een rechtszaak over gevoerd en die heeft PNO CEE hard verloren. Op straffe van een dwangsom moet PNO CEE alle onrechtmatige concurrentie staken en openheid geven aan PNO Group over de financiële gezondheid van de tent. U raadt het, inmiddels is deze failliet verklaard. Gelukkig voor Van den Bosch regelt D66 een mooi baantje voor hem: hij mag in april 2014 Wethouder Economische Zaken voor Steenbergen worden. Hij heeft dan via zijn privé-holding nog een belang in een Pools modellenbureau. Hij doet daar niet de selectie van de modellen, hij hoeft ze enkel te testen, op hun vaardigheden met buitenlanders. No joke, hij zegt het echt. Maar goed, laten we niet bekrompen doen. 

Verkiesbare plek
Ook noemt hij dat hij niets te maken heeft met de genoemde schuld van € 1,5 miljoen maar dat is onzin: die is aangegaan om hem via de buyout zijn eigen koninkrijkje te geven, maar dat mislukte dus jammerlijk. PNO CEE is inmiddels voor een habbekrats teruggegeven aan PNO Group. In totaal zit er voor € 1.855.563,81aan schulden in PNO CEE, volgens de curator is er geen zicht op dat daar ooit een cent van terugkomt. Het grootste deel komt natuurlijk voor rekening van PNO Group, dat had immers een lening van € 1,5 miljoen verstrekt. Omdat het administratiekantoor van PNO CEE de curator weigert te helpen, is het onderzoek naar de rechtmatigheid binnen dit faillissement nog niet afgerond. Over drie maanden komt er een nieuw verslag en dan weten we meer.

Toch heeft D66 in Steenbergen besloten om Van den Bosch op een verkiesbare plek te zetten bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2018. Zo is zijn politieke toekomst zekergesteld en daarmee zijn financiële. Zijn zakelijke verleden bestaat uit een enkele buyout waarbij hij zijn eigen vrienden een mes in de rug duwde, maar die desondanks toch enkel als een fiasco te beschouwen is. Aan het regelen van subsidies in Polen heeft hij wel nieuwe kameraden aldaar gemaakt, zodat hij ondanks alles in een Audi met Pools kenteken kan rijden.

Volgens hemzelf is hij in 2015 opgestapt omdat hij ‘aangeschoten wild’ is, door de verdachtmakingen van de vooral de lokale PvdA. Dat is een vreemd argument. Een verdachtmaking is de waarheid, dan is er niks aan de hand. Of de verdachtmaking is niet op waarheid gestoeld en dan is er sprake van smaad. Simpel. In een kort geding kan Van den Bosch gehakt maken van iedereen die onrechtmatige handelingen verricht, daar kan hij zelf toch echt over meespreken. Met aangeschoten wild dat zelf maar in een zwaard strompelt is iets raars aan de hand. Een politicus die een reeks aantijgingen maar over zich heen laat komen, doet het zichzelf aan. Van den Bosch had zich ook kunnen verdedigen, dan was hij er sterker uitgekomen.

Aangeschoten wild
Door het in het zielige te trekken, wordt er een deken van vaagheid over de waarheid getrokken en het is bizar dat D66 daaraan meedoet, enkel teneinde ‘aangeschoten wild’ te rehabiliteren. Er zijn ongetwijfeld kandidaten die zakelijk meer voor elkaar hebben gebokst, niet hun eigen broodheren hebben bedot, geen auto’s van ‘je-weet-wel-wie’ uit Polen aannemen en geen journalisten hebben geïntimideerd. Het komt er met moeite uit, maar misschien je op dit punt wel gelijk, Thierry.